Naar hoofdinhoud
1.. Aan het raadslid wordt een onkostenvergoeding voor aan de uitoefening van het raadslid-maatschap verbonden kosten toegekend die gelijk is aan het bedrag, vermeld in artikel 2, derde lid, van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden, zoals dit bedrag jaarlijks door de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties wordt herzien. 2.. Ten aanzien van een raadslid van wie de arbeidsverhouding ingevolge artikel 4, aanhef en onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 voor de toepassing van die wet als dienstbetrekking wordt aangemerkt, wordt in afwijking van het eerste lid een onkosten-vergoeding toegekend die gelijk is aan het bedrag, vermeld in artikel 2, vierde lid, van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden, zoals dat bedrag jaarlijks door de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties wordt herzien. 3.. Het raadslid aan wie tijdelijk ontslag is verleend wegens zwangerschap, bevalling of ziekte en tijdelijk vervangen wordt, behoudt de helft van de onkostenvergoeding.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel