Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Paragraaf 2.1

Artikel 2.1.1.

Immateriële vaste activa

Onderdeel van Nota afschrijvingsbeleid 2020 gemeente Lopik

In overeenstemming met het BBV (artikel 34) worden onder de immateriële vaste activa afzonderlijk opgenomen: kosten verbonden aan het sluiten van geldleningen en het saldo van agio en disagio; kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief; bijdragen aan activa in eigendom van derden Kosten verbonden aan het sluiten van geldleningen en het saldo van agio en disagio In artikel 63 lid 7 van het BBV is bepaald dat alle passiva – waaronder dus schulden – tegen nominale waarden moeten worden gewaardeerd. Dat houdt in dat de lening voor het totaalbedrag van de aangegane schuld moet worden opgenomen. Het verschil tussen het schuldbedrag en het uitgekeerde bedrag, het (dis)agio, kan naar keuze al dan niet worden geactiveerd. Uitgangspunt 1: De kosten van het sluiten van geldleningen niet activeren. Beleidsvrijheid Uitgangspunt 2: Het saldo van agio en disagio af te schrijven gedurende de looptijd van de waardepapieren. Wettelijke plicht De kosten van onderzoek en ontwikkeling De kosten van onderzoek en ontwikkeling mogen worden geactiveerd indien (art. 60 BBV) aan enkele voorwaarden is voldaan: het voornemen bestaat het actief te gebruiken of te verkopen; de technische uitvoerbaarheid om het actief te voltooien vaststaat; het actief in de toekomst economisch of maatschappelijk nut zal genereren en; de uitgaven die aan het actief zijn toe te rekenen betrouwbaar kunnen worden vastgesteld. De kosten van onderzoek en ontwikkeling te activeren als deze voldoen aan de voorwaarden als genoemd in artikel 60 BBV. Tot op heden worden deze kosten ten laste gebracht van de algemene reserve. Uitgangspunt 3: De kosten voor onderzoek en ontwikkeling te activeren indien wordt voldaan aan artikel 60 BBV. Indien niet wordt voldaan aan artikel 60 BBV worden de kosten voor onderzoek en ontwikkeling in één keer ten laste van de exploitatie gebracht. Beleidsvrijheid Bijdragen aan activa in eigendom van derden Bijdragen aan activa in eigendom van derden kunnen worden geactiveerd indien aan de volgende voorwaarden van het BBV (artikel 61) zijn voldaan; er is sprake van een investering door een derde; de investering bijdraagt aan de publieke taak; de derde zich heeft verplicht tot het daadwerkelijk investeren, op een wijze zoals is overeengekomen en; de bijdrage kan worden teruggevorderd, indien de derde in gebreke blijft of de gemeente anders recht kan doen gelden op de activa die samenhangen met de investering. Als vast staat dat aan alle voorwaarden wordt voldaan mag de gemeente de bijdrage behandelen als was het actief in kwestie in bezit van de gemeente. Uitgangspunt 4: Bijdragen aan activa in eigendom van derden, indien is voldaan aan de voorwaarden van artikel 61 BBV, activeren. Wettelijke plicht

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel