Voor risicobeheer gelden de volgende uitgangspunten:
Uitzettingen (van overtollige liquide middelen) in het kader van de treasuryfunctie zijn niet gericht op het genereren van inkomsten door het aangaan van overmatig risico.
De treasury activiteiten worden afgestemd op de bestaande financiële positie en de liquiditeitenplanning. De liquiditeitenplanning is gericht op de korte termijn (één jaar) en op de lange(re) termijn (vier jaar).
Aangaan van leningen en uitzetting van middelen geschied in principe ten behoeve van een publieke taak.
Er wordt geen gebruik gemaakt van derivaten.
HOOFDSTUK 2
Artikel 3