Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 10

Artikel 10.1

Algemeen

Onderdeel van Gemeentelijk rioleringsplan 2022-2026 gemeente Heerde

Investeringen in de riolering moeten op grond van de gemeentelijke financiële voorschriften worden geactiveerd. (8) Basisregel dat investeringen met economisch nut geactiveerd moeten worden (artikel 59, eerste lid BBV). Alle investeringen in het riool (vervanging en verbetering) zijn investeringen met een economisch nut. Immers, een gemeente kan middelen genereren via het riooltarief (artikel 59, tweede lid BBV). Activeren leidt tot kapitaallasten (rente en afschrijving). Heerde beschikt over een egalisatievoorziening ten behoeve van oplopende kapitaallasten als gevolg van toekomstige pieken in investeringen (ten behoeve van (riool)vervangingen en verbeteringen) en om de jaarresultaten van het rioleringsplan te egaliseren. Onderzoeken mogen slechts onder voorwaarden worden geactiveerd; in Heerde worden onderzoeken veelal gedekt vanuit de exploitatie. Jaarlijks is hiervoor een bedrag gereserveerd. Daarnaast worden reeds voorziene, concrete onderzoeken meegenomen in de meerjarenraming van de exploitatie. De gemeente Heerde kent ten aanzien van de rioolheffing een eigenarenheffing. De heffing is een vast bedrag per categorie, waarbij de is de doorsnede van de afvoerleiding op de gemeentelijke riolering maatgevend is. Voor woningen (doorgaans een geringe diameter van de afvoerleiding) geldt een vast tarief, voor grotere lozers is de diameter bepalend voor de hoogte van de heffing, onderverdeeld in vijf categoriën, te weten: Diameter afvoerleiding niet meer dan 12,5 cm (woningen) Diameter meer dan 12,5 cm, doch niet meer dan 16 cm Diameter meer dan 16 cm, doch niet meer dan 20 cm Diameter meer dan 20 cm, doch niet meer dan 25 cm Diameter meer dan 25 cm De ontwikkeling wordt voor alle tarieven procentueel gelijkgesteld. Het saldo van de egalisatievoorziening bedroeg op 1 januari 2021 € 4,57 miljoen. Dit saldo wordt aangewend stijgende kapitaallasten op te vangen en om schommelingen en/of eventuele tegenvallers in de exploitatie op te kunnen vangen, zonder dat er direct een begrotingstekort optreedt. Positieve resultaten (of uitgestelde kosten) worden eveneens aan de egalisatievoorziening toegevoegd. Het saldo in de voorziening is geen overschot, maar is benodigd om (met een acceptabele ontwikkeling van de rioolheffing) ook in de toekomst kostendekkend te blijven. Wij berekenen de benodigde ontwikkeling in de periode 2022-2065, waarbij het saldo aan het eind van de beschouwde periode nul is. Iedere 4 à 5 jaar, wanneer er ook een nieuw Programma water en riolering komt (opvolger van het GRP), wordt er een nieuw kostendekkingsplan opgesteld waarin de doorkijk ook telkens 4 à 5 jaar opschuift. Tussentijds wordt het kostendekkingsplan geactualiseerd, alsmede indien daar aanleiding toe is (substantiële afwijkingen ten opzichte van de prognoses). Bij een actualisatie wordt berekend of de geprognosticeerde ontwikkeling van de rioolheffing nog volstaat. Wij kijken financieel vooruit tot en met 2065. De reden is dat we hiermee ook de gehele DPRA-investeringsperiode (tot en met 2050) meenemen, alsmede de vervangingspiek die theoretische net na 2050 begint. Uitgangspunt voor de berekeningen is kostendekkendheid in de periode 2021-2065, waarbij het saldo van de voorziening ingezet wordt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel