**1..** Een bewoner die een geveltuin aanlegt, mag voor deze aanleg ter plaatse aanwezig(e) bestrating en zand verwijderen, voor zover deze bestrating en dit zand zich binnen de toegestane afmetingen van de geveltuin bevinden.
**2..** De bewoner is verplicht de in het eerste lid genoemde bestrating deugdelijk op te slaan en onder zich te houden gedurende de periode dat de geveltuin in stand gehouden wordt. Indien de bewoner gaat verhuizen, dient de bewoner de verwijderde bestrating over te dragen aan de nieuwe bewoner. Het verwijderde zand hoeft niet te worden opgeslagen. Het is niet toegestaan het verwijderde zand in de openbare ruimte achter te laten.
Hoofdstuk 4
Artikel 11