Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5.

Artikel 5.3

Regenwater

Onderdeel van Gemeentelijk Water- en Rioleringsplan Gemeente Noordenveld 2022 - 2026

Wateroverlast willen we natuurlijk het liefst voorkomen. Onder wateroverlast verstaan we situaties waarin water huizen, winkels en kantoren binnendringt, wegen onbegaanbaar worden, of wanneer het water op een andere manier aanzienlijke schade aanricht of voor gevaarlijke situaties zorgt. Bij extreme neerslag is wateroverlast helaas niet altijd te voorkomen. Als gemeente zetten we ons in om bij een bui met een hevigheid die maximaal eenmaal per twee jaar voorkomt, de hoeveelheid ‘water-op-straat’ tot een minimum te beperken. Deze norm sluit aan bij de landelijk gehanteerde norm. Bij bepaalde buien kan ‘water-op-straat’ voor komen. Hierbij onderscheiden we drie verschillende gradaties: hinder, ernstige hinder en overlast. Hinder: korte tijd (15 tot 30 minuten) beperkte hoeveelheden ‘water-op-straat’. Ernstige hinder: enige tijd (30 minuten tot twee uur) forse hoeveelheden ‘water op straat’, met ondergelopen tunnels en opdrijvende putdeksels. Overlast: langdurig en op grotere schaal ‘water-op-straat’, met water in winkels, woningen met materiële schade en mogelijk ook ernstige belemmering van het (economische) verkeer. Door klimaatverandering hebben we steeds vaker te maken met intensieve regenbuien en lange periodes van droogte. Als gemeente willen wij hier zo goed mogelijk en zo slim mogelijk mee omgaan. Bovengrondse infrastructuur passen we daar aan waar het doelmatig is om wateroverlast als gevolg van ‘water-op-straat’ te voorkomen of zo veel mogelijk te beperken. Daarnaast willen we bij herinrichting of nieuwe aanleg van riolering de norm verzwaren naar een zwaardere bui. Dat betekent dat voor nieuwe situaties het stelsel wordt berekend op een bui die in theorie eenmaal per 5 jaar voorkomt, in plaats van een bui die theoretisch eenmaal per 2 jaar voorkomt. In de klimaatstresstest zijn knelpunten in beeld gebracht bij neerslaggebeurtenissen die 1 keer per 100 jaar voorkomen. Bij ieder project wordt gewerkt aan het verbeteren van de robuustheid van het water- en rioolsysteem. Bij het aanpakken van overlast door water maken we gebruik van het principe ‘vasthouden – bergen – afvoeren’. We zetten daarbij in op het gebruik van de bovengrondse infrastructuur (inclusief het groen) omdat dit de meeste garantie biedt bij hoosbuien. Dit houdt wel in dat er, naast meer intern overleg, ook meer overleg met de inwoners nodig is om draagvlak te krijgen voor de wijzigingen van de bovengrondse voorzieningen. Uit de reeds uitgevoerde projecten blijkt dat inwoners enthousiast zijn over de projecten en de aanpak. Een andere aanpak is het afkoppelen van het regenwater dat valt op verharde oppervlakten. Afkoppelen is geen doel op zich, maar een middel om een aantal doelstellingen te bereiken: Verbetering van het functioneren van de riolering door: vermindering van de emissies uit overstorten; vermindering van water op straat. Vermindering van het energieverbruik. Vermindering van verdroging. Betere doorspoeling van oppervlaktewatersystemen. Verbeteren van het functioneren van de afvalwaterzuivering. Hierbij hebben we ook de hulp van de inwoners nodig. Door het stimuleren van het verwerken van regenwater op eigen terrein, kunnen we gezamenlijk de klimaatverandering het hoofd bieden. Via de samenwerking in de waterketen willen we dit doen door een communicatie campagne op te starten. Daarnaast zijn we als gemeente al aangesloten bij Operatie Steenbreek, hier gaan we de komende jaren concrete acties mee uitvoeren. Verordening afvoer hemelwater en grondwater Tegelijk met het vaststellen van dit GWRP, willen we een Verordening afvoer hemelwater en grondwater vaststellen. Als gemeente investeren we veel aan het afkoppelen van regenwater. Hierdoor wordt ons systeem robuuster en we willen graag dat zo’n investering optimaal wordt benut. Afkoppelen van particulier terrein gaat altijd in overleg met de bewoners, maar in sommige gevallen kan het helpen dat wij hiervoor een regeling hebben. Veel gemeenten in de regio hebben een dergelijke verordening ook vastgelegd of zijn voornemens dat te doen. De verordeningsbevoegdheid omvat twee onderdelen: Het stellen van voorwaarden aan het lozen van afvloeiend regenwater of van grondwater op of in de bodem of in een riool. En het beëindigen van lozingen van afvloeiend regenwater of van grondwater in een vuilwaterriool (afkoppelen). De verordeningsbevoegdheid beperkt zich tot de omgang met afvloeiend regenwater en grondwater. Het afkoppelen beperkt zich tot het vuilwaterriool en niet de andere vormen van riool en bodem.

Rechtspraak bij dit artikel