Naar hoofdinhoud
Een gezin/huishouden met een ten laste komend thuiswonend kind in de leeftijd van 2 tot 4 jaar, dat Twee (2) dagdelen de peuteropvang bezoekt én deelneemt aan een programma van Voor- en Vroegschoolse educatie en een nettomaandinkomen dat niet meer bedraagt dan 110% van de toepasselijke bijstandsnorm (beiden inclusief vakantietoeslag) als bedoeld in paragraaf 3 van de Participatiewet en een vermogen niet hoger dan de voor hen geldende vermogensgrens, zoals bedoeld in artikel 34 lid 2 (onder d) en lid 3 van de Participatiewet. Een nettomaandinkomen boven 110% van de toepasselijke bijstandsnorm (beiden inclusief vakantietoeslag) en/of vermogen boven de geldende vermogensgrens, leidt tot verlies van het recht op aanspraak op de regeling.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel