Met het bouwen van een bouwwerk waarvoor omgevingsvergunning voor het bouwen is verleend mag - onverminderd het in de voorwaarden van de omgevingsvergunning voor het bouwen bepaalde - niet worden begonnen alvorens door of namens het bevoegd gezag voor zover nodig:
a. het straatpeil is aangewezen, danwel het door de bouwer in acht te nemen straatpeil door of namens het bevoegd gezag is nagezien;
b. de rooilijnen en/of bebouwingsgrenzen op het bouwterrein zijn uitgezet danwel, de door de bouwer in acht te nemen rooilijnen en/of bebouwingsgrenzen op het bouwterrein zijn nagezien door of namens het bevoegd gezag .
Hoofdstuk
Artikel 4.4
Het uitzetten van de bouw
Onderdeel van Bouwverordening gemeente Edam-Volendam