Naar hoofdinhoud

Artikel 13.

Regels voor PGB

Onderdeel van Verordening Jeugdhulp 2022 gemeente Leeuwarden

1.. Het college kan een individuele maatwerkvoorziening verstrekken in de vorm van een PGB in overeenstemming met artikel 8.1.1 van de wet Een PGB kan worden verstrekt indien: de jeugdige en/of ouder(s), al dan niet met hulp uit hun sociale netwerk dan wel van een curator, bewindvoerder, mentor of gemachtigde, in staat zijn de aan een PGB verbonden taken op verantwoorde wijze uit te voeren; de jeugdige of zijn ouders overtuigend kunnen motiveren waarom zij de individuele maatwerkvoorziening die door een gecontracteerde zorgaanbieder wordt geleverd, niet passend achten; naar het oordeel van het college is gewaarborgd dat de jeugdhulp die de jeugdige en/of ouder(s) willen betrekken van een zorgaanbieder of een persoon die behoort tot het sociale netwerk van goede kwaliteit is. 2.. In aanvulling op lid 1 a kan een persoon in de volgende gevallen in ieder geval geen PGB beheren. Als de persoon: a. geen (financieel) onafhankelijke positie heeft ten aanzien van de zorgaanbieder die formele ondersteuning biedt; b. een wettelijk vertegenwoordiger heeft, zoals een curator, bewindvoerder of (zorg)mentor; c. niet meerderjarig is d. niet over een woonadres beschikt volgens de BRP e. in detentie zit; f. de Nederlandse taal onvoldoende beheerst; g. onvoldoende rekenvaardig is; h. niet in staat is de veiligheid in de eigen leefsituatie te waarborgen; i. een verslaving heeft, zoals een alcohol-, drugs-, gok- of koopverslaving; j. ondersteuning nodig heeft bij de eigen administratie; k. in de schuldsanering zit of daarvoor een verzoek heeft ingediend; l. surseance van betaling heeft aangevraagd of failliet is verklaard; m. eerder een PGB heeft beheerd en toen is gebleken dat deze persoon onvoldoende vaardig was en/of verplichtingen niet nakwam en/of er sprake is geweest van fraude met een PGB of sociale voorzieningen. 3.. Het college verstrekt in principe geen PGB voor Crisishulp 4.. Onverminderd artikel 8.1.1, van de wet verstrekt het college geen PGB voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de jeugdige en/of ouder(s) voorafgaand aan de indiening van de aanvraag heeft gemaakt. 5.. De hoogte van een PGB: wordt vastgesteld aan de hand van een door de jeugdige en/of ouder(s) opgesteld en door het college goedgekeurd budgetplan waarin in ieder geval uiteen is gezet welke jeugdhulp die tot de individuele maatwerkvoorziening behoort de jeugdige en/of ouder(s) van het budget willen betrekken, en indien van toepassing, welke hiervan de jeugdige en/of ouder(s) wil inkopen middels informele ondersteuning; wordt berekend op basis van een prijs of tarief: waarmee redelijkerwijs is verzekerd dat het PGB de jeugdige en/of ouder(s) in staat stelt om tijdig veilige, doeltreffende en kwalitatief goede ondersteuning van derden te betrekken; waarbij rekening is gehouden met redelijke overheadkosten van derden van wie de jeugdige en/of ouder(s) de jeugdhulp willen betrekken, en waarbij, voor zover van toepassing rekening is gehouden met de in het negende lid van dit artikel gestelde voorwaarden betreffende het tarief onder welk de jeugdige en/of ouder(s) de mogelijkheid heeft om de betreffende jeugdhulp in te kopen middels informele ondersteuning. bedraagt niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst adequate in de gemeente tijdig beschikbare individuele maatwerkvoorziening in natura. 6.. Bij de tariefbepaling voor een PGB wordt onderscheid gemaakt tussen verschillende vormen van ondersteuning (formele en informele ondersteuning) en voor zover van toepassing, de te bieden deskundigheid en/of de in de branche geldende kwaliteitseisen. De tarieven voor formele ondersteuning PGB zijn niet gelijk aan de ZIN tarieven, omdat er door de betreffende zorgaanbieders minder overheadkosten gemaakt hoeven worden dan een door gemeente gecontracteerde aanbieders. Dit betreft o.a. kosten in relatie tot de aanbesteding en bijbehorende programma van eisen, verantwoordingsrapportages en (afstemmings-)overleggen. het maximale PGB tarief voor formele ondersteuning wordt gebaseerd op 80% van het zorg in natura tarief. het PGB tarief voor informele ondersteuning wordt gebaseerd op 60% van het zorg in natura tarief en bedraagt minimaal het wettelijk minimumloon en maximaal € 20,- per uur, met uitzondering van informele ondersteuning in de vorm van Verblijfscomponent Laag of ThuisPlus- Jeugd. de vergoeding bij informele ondersteuning in de vorm van Verblijfcomponent Laag of ThuisPlus- Jeugd bedraagt, conform de ministeriële regeling voor hulp uit het sociaal netwerk (te betalen uit een PGB), maximaal € 141,-- per kalendermaand. 7.. Het college stelt in het Financieel Besluit, conform de door de gemeenteraad vastgestelde tariefbepaling in lid 6, de tarieven voor PGB’s vast. 8.. Indien het tarief van de door de jeugdige en/of ouder(s) gekozen zorgaanbieder hoger is dan het maximum vastgestelde tarief in het Financieel Besluit Jeugdhulp van de gemeente Leeuwarden, betaalt de jeugdige en/of ouder(s) het meerdere zelf. 9.. Een jeugdige en/of ouder(s) die in aanmerking komen voor een individuele maatwerkvoorziening middels een PGB, kan informele ondersteuning inkopen, onder de volgende voorwaarden: de opgroei- en opvoedproblematiek niet op eigen kracht kan worden opgelost, het de gebruikelijke hulp overstijgt, bovengebruikelijke hulp of mantelzorg geen passende oplossing biedt, er geen mogelijkheden zijn voor andere voorzieningen of inzet van vrijwilligers en dit aantoonbaar tot een beter resultaat leidt en aantoonbaar doelmatiger is dan formele ondersteuning of zorg in natura. deze persoon hiervoor een tarief hanteert dat niet hoger is dan het op grond van het zesde en zevende lid gehanteerde tarief. tussenpersonen, belangenbehartigers of anderszins niet uit het PGB worden betaald. met in achtneming van de in de Beleidsregels Jeugdhulp van de gemeente Leeuwarden vastgestelde (bestedings-)regels en algemeen toetsings- en afwegingskader. 10.. De volgende bestedingsregels gelden voor een PGB: Het PGB tarief is inclusief overhead en alle bijkomende kosten (zoals opleiding, maaltijden, entreegelden), hier wordt geen extra budget voor toegekend. Kosten voor de uitvoering van taken die horen bij een budgetbeheer mogen niet uit het PGB worden betaald. Kosten voor bemiddeling, coördinatie, tussenpersonen of belangenbehartigers mogen niet uit het PGB worden betaald. Na het overlijden van de jeugdige mag, indien niet teruggevallen kan worden op het sociaal netwerk, vanwege activiteiten verband houdend met het overlijden maximaal een gemiddeld maandbedrag, berekend over de laatste drie gewerkte maanden, door de zorgaanbieder gedeclareerd worden. Het bedrag dat niet verantwoord hoeft te worden betreft alleen de jaarlijks basislidmaatschapskosten voor ‘Per Saldo’ (de belangenorganisatie voor PGB houders). Er mag een feestdagen uitkering verstrekt worden van maximaal €100,- in totaal op jaarbasis. Er mag maximaal € 0,19 per kilometer reiskosten aan zorgaanbieder die de ondersteuning biedt betaald worden, voor een reisafstand vanaf 6 km (enkele reis) tot maximaal 150 km (retour) per persoon per keer. Voor sub e tot en met sub g wordt geen extra budget toegekend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel