Naar hoofdinhoud
De burgemeester is op grond van artikel 9 Gemeentewet voorzitter van de raad. De raad benoemt de waarnemend voorzitter van de raad uit zijn midden evenals de voorzitters van Het Raadsgesprek en Het Raadsdebat met een minimum van 4 en een maximum van 6 voorzitters. De waarnemend voorzitter van de raad en de voorzitters van Het Raadsgesprek en Het Raadsdebat worden door de raad benoemd op basis van een door de raad vastgesteld functieprofiel. De voorzitters krijgen een training aangeboden en rouleren het voorzitterschap in overleg. De voorzitter van de raad, de waarnemend voorzitter van de raad en de voorzitters van de bijeenkomsten van Het Raadsgesprek en Het Raadsdebat zijn belast met: het leiden van de vergadering; het handhaven van de orde; het doen naleven van het reglement van orde; hetgeen de Gemeentewet of dit reglement hem verder opdraagt. Een voorzitter neemt inhoudelijk geen deel aan de beraadslagingen die hij voorzit. Het voorzitterschap van de waarnemend voorzitter van de raad en de voorzitters van Het Raadsgesprek en Het Raadsdebat eindigt: door beëindiging van het lidmaatschap van de raad; door ontslag op eigen verzoek; door ontslag door de raad, wanneer hij naar het oordeel van de raad door handelen of nalaten ernstig nadeel toebrengt aan het gestelde vertrouwen.

Rechtspraak bij dit artikel