**1..** Een cliënt betaalt een bijdrage in de kosten voor een algemene- en maatwerkvoorziening, zolang hij van de maatwerkvoorziening (zorg in natura, pgb of van de financiële tegemoetkoming) gebruik maakt, totdat de kostprijs van de voorziening is betaald.
**2..** De bijdrage wordt vastgesteld conform artikel 3.8 van het uitvoeringsbesluit Wmo.
**3..** Cliënt is geen bijdrage verschuldigd:
voor rolstoelen;
voor voorzieningen, diensten of financiële tegemoetkomingen waarvan de (aanschaf)kosten lager zijn dan € 250,00;
als sprake is van een bijdrageplichtig inkomen dat lager is dan 110% van het wettelijk minimumloon;
als daar gegronde redenen toe zijn;
voor het gebruik van collectief vraagafhankelijk vervoer.
**4..** Bij een maatwerkvoorziening ten behoeve van een woningaanpassing voor een minderjarige cliënt is een bijdrage verschuldigd door:
de onderhoudsplichtige ouders en;
degene die anders dan als ouder samen met de ouder het gezag uitoefent over de cliënt.
**5..** De kostprijs van een maatwerkvoorziening in natura is gelijk aan de kosten die het college voor de desbetreffende maatwerkvoorziening zelf maakt en indien van toepassing inclusief een service-en onderhoudscontract en indien noodzakelijk een verzekering.
**6..** De kostprijs van een maatwerkvoorziening in de vorm van een pgb is gelijk aan de hoogte van het pgb en indien van toepassing inclusief een service- en onderhoudscontract en indien noodzakelijk een verzekering.
**7..** De kostprijs van een maatwerkvoorziening in de vorm van een financiële tegemoetkoming is gelijk aan de hoogte van de toegekende tegemoetkoming.
**8..** Het CAK stelt de bijdrage vast en int deze.
HOOFDSTUK 5
Artikel 20.
Bijdrage in de kosten maatwerkvoorzieningen
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning gemeente Cranendonck 2022