Het college weigert de tegemoetkoming kosten kinderopvang op grond van een sociaal medische indicatie in ieder geval als:
De aanvraag niet is gebaseerd op de genoemde gronden in deze beleidsregels;
Er sprake is van een voorliggende voorziening;
De opvang niet noodzakelijk is;
De opvang niet feitelijk gaat plaatsvinden of heeft plaatsgevonden.
Het college kan de tegemoetkoming weigeren als in het geval van een psychische of sociale aandoening geen professionele begeleiding wordt ingezet om de problematiek weg te nemen.
Tot een voorliggende voorziening wordt in ieder geval gerekend:
Een voorziening op grond van de Wet Kinderopvang (Wk);
Een voorziening op grond van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ);
Een voorziening op grond van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO);
Een andere adequate voorziening in zowel professionele als niet-professionele zin waarvoor een andere vergoeding mogelijk is (bijvoorbeeld vanuit de zorgverzekeraar).
Artikel 9
Weigeringsgronden
Onderdeel van Beleidsregels tegemoetkoming kosten kinderopvang op grond van een sociaal medische indicatie