In deze beleidsregels worden verstaan onder:
a. college:
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bergeijk.
b. CJG+ de Kempen:
uitvoeringsorganisatie van de Kempengemeenten Bergeijk, Bladel, Eersel en Reusel-De Mierden voor de toegang tot jeugdhulp en de uitvoering van de algemene jeugdhulpvoorzieningen.
c. deskundigeL:
een professional die beschikt over adequate deskundigheid om een sociaal of medisch oordeel te vormen over de ouder of het kind en in het kader van de aanvraag een schriftelijke verklaring kan afgeven ter onderbouwing voor de noodzaak van een sociaal-medische indicatie voor kinderopvang, alsmede de duur ervan. Dit betreft huisartsen, medisch specialisten, (ortho)pedagogen, psychologen, psychiaters en jeugdhulpverleners.
d. hulpvraag:
vraag van een jeugdige of ouder(s) in verband met opgroei- en opvoedingsproblemen, psychische problemen en stoornissen
e. kinderopvang:
het bedrijfsmatig of anders dan om niet verzorgen en opvoeden van kinderen tot de eerste dag van de maand waarop het voortgezet onderwijs voor die kinderen begint.
f. LRK:
landelijk register kinderopvang als bedoeld in artikel 1.5 van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen.
g. ouder:
de bloed- of aanverwant in opgaande lijn of de pleegouder van een kind op wie de kinderopvang betrekking heeft, met dien verstande dat bij de beoordeling of er sprake is van pleegouderschap, een subsidie op grond van Jeugdwet buiten beschouwing blijft.
h. sociaal medische indicatie (SMI):
een indicatie afgegeven door een deskundige die recht geeft op een tijdelijke tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang op basis van sociale of medische situatie die kinderopvang noodzakelijk maakt.
i. voorliggende voorziening:
elke adequate (opvang)voorziening buiten deze beleidsregel waarop belanghebbende aanspraak kan maken of een beroep kan doen voor de bekostiging van de noodzakelijke kinderopvang.
Hoofdstuk 1.
Artikel 1.
Begripsbepalingen
Onderdeel van Beleidsregels tegemoetkoming kinderopvang SMI 2022