**1..** Bij de vaststelling van het netto inkomen wordt uitgegaan van de som van inkomsten als bedoeld in de wet.
**2..** bij een vast inkomen wordt uitgegaan van het inkomen per datum aanvraag.
bij een wisselend inkomen wordt uitgegaan van het gemiddelde inkomen over de achterliggende zes maanden. In uitzonderlijke gevallen (individualiseringsbeginsel) kan van dit uitgangspunt worden afgeweken.
**3..** Voor de vaststelling van de draagkrachtruimte wordt het netto inkomen verminderd met de van toepassing zijnde bijstandsnorm, inclusief eventuele verlagingen, en met:
de subsidiabele woonlasten, voor zover deze meer bedragen dan het voor eigen rekening blijvende bedrag ingevolge de Wet op de huurtoeslag voor de laagste inkomenscategorie;
wettelijke betalingen voor levensonderhoud ten behoeve van de niet in het gezinsverband van de belanghebbende levende echtgenoot en kinderen tot 21 jaar, alsmede ten behoeve van de gewezen echtgenoot;
de eigen bijdrage AWBZ in verband met een tijdelijk verblijf in een inrichting wegens revalidatie;
de verschuldigde aanslag plaatselijke belastingen, na aftrek van de toegekende bijdrage in het kader van de kwijtscheldingsregeling, met uitzondering van de hondenbelasting;
voor gebruikers van de maaltijdvoorziening: het bedrag van de niet-maximaal ontvangen korting op grond van de verordening ‘subsidieverlening gebruikers maaltijdvoorziening’;
de niet ontvangen maximale tegemoetkoming op grond van de verordening ‘Activiteitenfonds’.
**4..** Het inkomen van uitkeringsgerechtigden die langer dan een jaar een uitkering op grond van de wet ontvingen, wordt gedurende een periode van een jaar na beëindiging van de periodieke uitkering ingevolge de Participatiewet wegens werkaanvaarding voor de uitvoering van deze richtlijnen vastgesteld op de norm van de betreffende uitkering ingevolge de Participatiewet.
HOOFDSTUK 3
Artikel 7
- Inkomen
Onderdeel van Richtlijnen tegemoetkoming bijzondere kosten gemeente Altena 2022