Het college verleent op aanvraag een tegemoetkoming per 12 maanden per persoon aan inwoners met een chronische ziekte of handicap.
Tot de doelgroep behoort de belanghebbende met een chronische ziekte of handicap met een minimum inkomen, indien:
geen recht op een tegemoetkoming arbeidsongeschikten via het UWV vanwege (gedeeltelijke) arbeidsongeschiktheid bestaat; en
aantoonbaar in de twee jaar voorafgaand aan de aanvraag het volledige eigen risico is verbruikt.
De hoogte van de tegemoetkoming uit het eerste lid is gelijk aan het bedrag van de tegemoetkoming arbeidsongeschikten via het UWV zoals genoemd in artikel 61a, tweede lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen.
Artikel 3