Naar hoofdinhoud
Als de jeugdige en/of zijn ouders zich in het gesprek zoals bedoeld in artikel 3.3 gemotiveerd op het standpunt stellen dat zij de individuele voorziening die wordt geleverd door de door gemeente gecontracteerde jeugdhulpaanbieders niet passend achten, en naar het oordeel van het college is gewaarborgd dat de jeugdhulp die tot de individuele voorziening behoort en die de jeugdige of zijn ouders van het budget willen betrekken, van goede kwaliteit is, kunnen zij een persoonsgebonden budget aanvragen. De jeugdige en/of zijn ouders moeten hiervoor in aanvulling op het perspectiefplan een pgb-plan op stellen waarin is opgenomen: de motivatie waarom zorg in natura niet toereikend is en een persoonsgebonden budget gewenst is; de voorgenomen uitvoerder van de individuele voorziening; de kosten (uitgedrukt in aantal eenheden en tarief) van de uitvoering; de kwalificaties van de uitvoerder. Het college beoordeelt of de client of de pgb-beheerder in staat is tot een redelijke waardering van zijn belangen. Het college beoordeelt of de client of zijn pgb-beheerder de aan een pgb verbonden taken kan uitvoeren. Beheer van het pgb is niet toegestaan door de persoon of organisatie die ook de ondersteuning levert aan de pgb-houder, tenzij het een ouder in de eerste graad is of hiervoor door het college schriftelijk toestemming is verleend. De jeugdige of zijn ouder zijn verplicht tot het gebruik van de zorgovereenkomsten van de Sociale Verzekeringsbank voor het vastleggen van afspraken over de te leveren jeugdhulp in het kader van het pgb Het college kan nadere regels stellen over de voorwaarden die worden gesteld aan het pgb-plan en het pgb budgetbeheerder.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel