De burgemeester kan, gezien de eigen aard en achtergrond van het vermoeden van een integriteitsschending, gemotiveerd en in overleg met de commissie integriteit afwijken van dit protocol.
In gevallen waarin dit protocol niet voorziet of waarbij de toepassing niet eenduidig is, wordt de handelwijze, na overleg in de integriteitsdriehoek, bepaald door de burgemeester.
Hoofdstuk 3.
Artikel 1.