Wij zetten het beleid uit de vastgestelde beheer strategie Grondwater uit 2004 voort. In de Beleidsnota Gouds Grondwater wordt beschreven op welke wijze Gouda invulling geeft aan haar grondwaterzorgplicht.
De gemeente levert inspanning om zoveel mogelijk de grondwaterstand op haar openbaar gebied te beheersen, waarbij geen structurele belemmering ontstaat voor het gebruik van het openbaar terrein en geen structurele grondwateroverlast of -onderlast wordt veroorzaakt bij bewoners en bedrijven.
We willen een bijdrage leveren aan het oplossen en voorkomen van grondwaterproblemen door, indien doelmatig bevonden, maatregelen in de openbare ruimte te treffen. Daarmee willen we zoveel mogelijk voorkomen dat in de toekomst grondwaterschade ontstaat. Daarom streeft de gemeente naar een duurzame werking van grondwaterstand-regulerende voorzieningen, door een zorgvuldige aanleg en beheer van die voorzieningen
We zijn aanspreekpunt voor burgers en bedrijven voor grondwaterproblematiek en vragen over het grondwater. Op de gemeentelijke website wordt informatie verzameld voor burgers en bedrijven.
Streefwaarden
We hanteren streefwaarden voor de grondwaterstanden, die in de meeste gevallen zijn gekoppeld aan het oppervlaktewaterpeil in de wijk. Daarmee wordt gestreefd naar het beperken van de stijging (opbolling) van de grondwaterstand tussen de waterlopen. En daarnaast dat de grondwaterstand in droge perioden niet verder dan een bepaalde afstand onder het oppervlakte-waterpeil in de wijk zakt. Hiermee wordt droogstand van houten paalfunderingen zoveel mogelijk voorkomen en wordt zetting geminimaliseerd.
Structurele overlast of onderlast
Als we van mening zijn dat er sprake is van structurele overlast of onderlast, kunnen we overwegen maatregelen te treffen op openbaar terrein. Daarbij hoort een doelmatigheidsafweging. Doelmatig wil zeggen dat we bij problemen met grondwater telkens een zorgvuldige afweging moet maken van kosten en baten.
Wanneer er sprake is van een structureel te hoge of te lage grondwaterstand, nemen we maatregelen in de openbare ruimte als:
er sprake is van een structurele belemmering van de bestemming van een perceel door een structureel te hoge of lage grondwaterstand, dus niet bijvoorbeeld door een laag maaiveld (te geringe drooglegging), lage kruipruimtebodem of bouwkundige gebreken;
uit onderzoek blijkt dat de maatregelen op openbaar terrein de grondwaterschade bestrijden (de maatregelen hebben effect);
uit een afweging blijkt dat maatregelen in de openbare ruimte leiden tot de laagst mogelijke kosten (de economisch optimale oplossing):
de uitvoerings- en beheerskosten van maatregelen door de gemeente staan in verhouding met (mogelijk toekomstige) kosten van maatregelen door particulieren dan wel (mogelijk toekomstige) schade van particulieren.
In de praktijk zal deze aanpak ertoe leiden dat de gemeente bij veel grondwaterklachten, ook als deze structureel zijn en grondwaterschade betreffen, pas kan bijdragen aan het verhelpen ervan als er werkzaamheden in de straat plaatsvinden (en de maatregelen doelmatig en economisch verantwoord worden).
Voorkomen van overlast
Vanzelfsprekend is het beter om grondwaterproblemen te voorkómen dan om de ontstane overlast of onderlast te moeten beperken. Projecten in de openbare ruimte bieden kans om bestaande overlast aan te pakken. Daarom beoordelen we bij projecten of gelijktijdig maatregelen getroffen moeten worden om de grondwaterstand op openbaar terrein te beheren.
Daarnaast bestaat bij projecten de kans dat grondwateroverlast en - onderlast door het project wordt veroorzaakt. Voorbeelden hiervan zijn de vervanging van een (opgeboeid) riool door een nieuw waterdicht riool of het herinrichten van de openbare ruimte. Zowel het gerealiseerde werk, als de uitvoering zelf, kan tot overlast en onderlast in de omgeving leiden. Dit heeft gevolgen voor de particulier, maar mogelijk ook financiële en organisatorische negatieve consequenties voor de initiatiefnemer van het werk. De kans op schade kan worden beperkt door bij de voorbereiding bewust te kijken naar de omgeving en de beïnvloeding daarvan. Voor de tijdelijke onttrekkingen is de waterbeheerder het bevoegde gezag, maar bij voorgenomen werk in de openbare ruimte hanteren we in de planvorming de volgende werkwijze:
Studie naar grondwaterstanden, bodemopbouw, meldingen overlast en grondwaterverontreiniging.
Afweging doelmatigheid maatregelen grondwaterbeheersing. Beoordeling risico op omgevingsschade door bemaling, afweging benodigde onderzoeksinspanningen en evt. afweging aanpassing rioolontwerp om risico’s te beperken.
De Beleidsnota is opgenomen in Bijlage VIII en wordt gezamenlijk met voorliggend GRP vastgesteld.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.2
Artikel 2.2.3
Invulling grondwaterbeleid
Onderdeel van Gemeentelijk Rioleringsplan Gouda 2019-2023