Na de opening van de vergadering kunnen andere aanwezige
burgers gedurende maximaal dertig minuten het woord
voeren over geagendeerde onderwerpen.
Het woord kan niet gevoerd worden:
Over een besluit van het gemeentebestuur
waartegen bezwaar of beroep op de rechter
openstaat of heeft opengestaan;
Over benoemingen, keuzen, voordrachten of
aanbevelingen van personen;
Indien een klacht ex artikel 9:1 van de Algemene
wet bestuursrecht kan of kon worden
ingediend;
Indien reeds over hetzelfde onderwerp het woord
is gevoerd in de betreffende
raadsadviescommissie;
Het voorgaande geldt niet indien er sprake is
van nieuwe feiten. Of werkelijk sprake is van
nieuwe feiten wordt besloten door de voorzitter
van de raad of diens plaatsvervanger.
Degene, die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt
dit ten minste vijf minuten voor de aanvang van de
vergadering aan de griffier. Hij vermeldt daarbij zijn
naam, adres en telefoonnummer en het onderwerp waarover
hij het woord wil voeren.
De voorzitter geeft het woord op volgorde van
aanmelding. De voorzitter kan van de volgorde afwijken,
indien dit in het belang is van de orde van de
vergadering.
Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord. De
voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over de
sprekers als er meer dan zes sprekers zijn. De
voorzitter kan tevens in bijzondere gevallen afwijken
van de maximale lengte van de spreektijd.
De spreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit
heeft verleend. De voorzitter of een lid van de raad
doet een voorstel voor de behandeling van de inbreng van
de burger.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 2
Artikel 18
Spreekrecht burgers
Onderdeel van Reglement van orde voor de raad van de gemeente Oss 2011