Naar hoofdinhoud
1. Bij de benoeming van nieuwe raadsleden stelt de raad een commissie geloofsbrieven in bestaande uit drie raadsleden van verschillende fracties. 2. De commissie a. onderzoekt de geloofsbrieven en de daarop betrekking hebbende stukken van nieuw benoemde raadsleden, b. brengt vervolgens verslag uit aan de raad over de toelating van de nieuw benoemde raadsleden tot de raad en doet daarbij een voorstel voor een besluit; c. indien van toepassing wordt van een minderheidsstandpunt melding gemaakt in dit advies. 3. Het onderzoek van het proces-verbaal van het centraal stembureau gebeurt in de laatste raadsvergadering in oude samenstelling na de gemeenteraadsverkiezingen. 4. Na een gemeenteraadsverkiezing roept de voorzitter van de raad de benoemde en toegelaten raadsleden op om in de eerste raadsvergadering in nieuwe samenstelling de eed of verklaring en belofte af te leggen, in het Nederlands of Fries. 5. In geval van een tussentijdse vacaturevervulling roept de voorzitter van de raad een nieuw benoemd raadslid op voor de raadsvergadering waar over diens toelating wordt beslist om de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen, in het Nederlands of Fries.

Rechtspraak bij dit artikel