1. Een aanvraag om subsidie wordt schriftelijk ingediend bij burgemeester en wethouders met gebruikmaking van een aanvraagformulier indien burgemeester en wethouders deze ter beschikking hebben gesteld.
2. Met de aanvraag wordt in ieder geval de volgende informatie verstrekt:
a. een ingevuld plan van aanpak dat ten minste de volgende elementen bevat:
1. een beschrijving van de activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd;
2. de doelen en resultaten welke met die activiteiten worden nagestreefd, en hoe de activiteiten daaraan bijdragen, met hierin in ieder geval een toelichting op de bijdrage aan de doelstellingen ten aanzien van de circulaire economie zoals bedoeld in artikel 2, eerste en tweede lid: aantal kg vermeden CO2 equivalenten, geboekte circulaire progressie op de ‘R-ladder’ en, indien van toepassing, gecreëerde werkplekken in het kader van SROI (social return on investment), in de berekening aangaande de CO2 equivalenten dient de gehele levenscyclus van de product of materiaalstroom te worden meegenomen;
b. een begroting van en een dekkingsplan voor de kosten van deze activiteiten; het dekkingsplan bevat een opgave van bij anderen aangevraagde subsidies of vergoedingen ten behoeve van dezelfde activiteiten, onder vermelding van de stand van zaken daarvan;
c. als de aanvrager een onderneming is:
1 een opgave van subsidies, vergoedingen of tegemoetkomingen in welke vorm ook met staatsmiddelen bekostigd, die al zijn of zullen worden ontvangen voor de activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd;
2 een verklaring als bedoeld in de de-minimisverordening (de-minimisverklaring);
d. als het een subsidie betreft die per kalenderjaar aan een rechtspersoon wordt verstrekt, de stand van de egalisatiereserve op het moment van de aanvraag.
3. Burgemeester en wethouders kunnen van de leden 1 en 2 afwijken.