Afb. 6: Bij plaatsing direct grenzend aan het bouwperceel of de denkbeeldige rechthoek is versterking van het erf nodig. Dit om de turbine onderdeel te maken van het erf. Dit kan bijvoorbeeld door compenserende lage beplanting. Zo wordt de turbine onderdeel van het erf.
Afb. 7: Bij plaatsing direct grenzend aan het bouwperceel of de denkbeeldige rechthoek is versterking van het erf nodig. Dit om de turbine onderdeel te maken van het erf. Dit kan bijvoorbeeld door compenserende boombeplanting/boomsingels. Zo wordt de turbine onderdeel van het erf.
Hoofdstuk 4. › Paragraaf 4.2
Artikel 4.2.4
Opties qua plaatsing en landschappelijke inpassing gevisualiseerd
Onderdeel van Beleidsregel toetsingskader kleine windturbines