Naar hoofdinhoud
1.. Voor activiteiten als bedoeld in artikel 2, tweede lid, onder a en b, bedraagt de maximale hoogte van subsidie op grond van deze regeling € 150.000. Daarbij geldt dat de subsidie maximaal 75% van de subsidiabele kosten bedraagt. De cofinanciering bedraagt daarmee minimaal 25%. 2.. Voor restauratie van een fort als bedoeld in artikel 2, tweede lid, onder c, sub 1e, bedraagt de subsidie maximaal € 400.000, waarbij geldt dat: de subsidie maximaal 40% bedraagt van de subsidiabele kosten bij een restauratie waaraan geen verduurzamingsopgave is verbonden. De cofinanciering bedraagt daarmee minimaal 60%; en de subsidie maximaal 60% bedraagt van de subsidiabele kosten bij een restauratie waaraan wel een verduurzamingsopgave is verbonden. De cofinanciering bedraagt daarmee minimaal 40%. 3.. Voor herbestemming van een fort als bedoeld in artikel 2, tweede lid, onder c, sub 2e, bedraagt de subsidie maximaal € 200.000, waarbij geldt dat: de subsidie maximaal 40% bedraagt van de kosten bij een herbestemming waaraan geen verduurzamingsopgave verbonden is. De cofinanciering bedraagt daarmee minimaal 60%; en de subsidie maximaal 60% bedraagt van de subsidiabele kosten bij een herbestemming waaraan wel een verduurzamingsopgave verbonden is. De cofinanciering bedraagt daarmee minimaal 40%. 4.. Voor restauratie in combinatie met herbestemming van een fort als bedoeld in artikel 2, tweede lid, onder c, sub 1e en 2e, bedraagt de subsidie maximaal € 600.000, waarbij geldt dat: de subsidie maximaal 40% bedraagt van de subsidiabele kosten bij een restauratie en herbestemming waaraan geen verduurzamingsopgave verbonden is. De cofinanciering bedraagt daarmee minimaal 60%; en de subsidie maximaal 60% bedraagt van de subsidiabele kosten bij een restauratie en herbestemming waaraan wel een verduurzamingsopgave verbonden is. De cofinanciering bedraagt daarmee minimaal 40%. 5.. Als de activiteiten slechts betrekking hebben op voorbereidende werkzaamheden, zoals de opstelling van een haalbaarheidsstudie of een andere activiteit in het kader van onderzoek en ontwikkeling, wordt het cofinancieringspercentage gehalveerd. 6.. In afwijking van het gestelde in dit artikel kunnen GS, gelet op het belang van de activiteiten voor het realiseren van het Utrechtse programma, een hogere subsidie verstrekken. Indien: de subsidieaanvrager substantieel en structureel ondersteund wordt door vrijwilligers en de inzet van deze vrijwilligers noodzakelijk is voor de uitvoering van het project; of de subsidieaanvrager door concrete omstandigheden en om redenen van bijzondere aard, niet aan de benodigde cofinancieringseis kan voldoen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel