De gehalten uit het bodemonderzoek worden getoetst aan de achtergrondwaarden en interventiewaarden [5]. Daarbij is ook de omvang van eventuele bodemverontreiniging van belang. Er zijn verschillende uitkomsten mogelijk die zijn samengevat in onderstaande tabel.
Bodemkwaliteit
Omvang
Aanduiding
Vervolgactie
< AW (achtergrondwaarden)
n.v.t.
Schoon
Geen
> AW,
maar kleiner dan tussenwaarde
n.v.t.
Licht verontreinigd
Geen
> tussenwaarde,
maar kleiner dan interventiewaarde
Omvang onbekend
Matig verontreinigd
Nader onderzoek, indien gehalte > achtergrondgehalte (zie paragraaf 5.4.3)
Omvang bekend en/of homogeen verdeeld
Matig verontreinigd
Geen
> interventiewaarde
Omvang onbekend
Sterk verontreinigd
Nader onderzoek, indien gehalte > achtergrondgehalte (zie paragraaf 5.4.3)
Omvang < 25 m3
Sterk verontreinigd
Geen
Omvang > 25 m3
Ernstig geval
Melden bij ODMH, toetsing Sanscrit op spoedeisendheid
In sommige gevallen is bij kleine verontreinigingen (kleiner dan 25 m3 boven de interventiewaarde) een risico niet uit te sluiten. Bijvoorbeeld een moestuin ter plaatse van een sterke verontreiniging met lood. Aan de hand van de locatiespecifieke factoren kan met de RisicoToolbox bepaald worden of een risico kan worden uitgesloten.
Hoofdstuk 5 › Paragraaf 5.5
Artikel 5.5.1
Toetsing aan Wet bodembescherming
Onderdeel van Bodemkwaliteit bij bouwen