Naar hoofdinhoud

Artikel 14.

Woonkostentoeslag

Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand De Fryske Marren 2022

1.Woonkostentoeslag huurders De Wet op de huurtoeslag is een voorliggende voorziening voor de kosten van huur voor zover deze kosten niet hoger zijn dan grens van de huurtoeslag. Om in aanmerking te komen voor woonkostentoeslag moet sprake zijn van woonlasten in de vorm van huur. Voor nieuwe huurders geldt dat over de eerste gebroken maand geen recht op huurtoeslag bestaat. De huurtoeslag gaat in per de eerste van de maand volgend op deze gebroken maand. Huurders met woonlasten tot de huurtoeslaggrens Als een huurcontact in de loop van een maand ingaat en er over deze gebroken maand geen recht bestaat op huurtoeslag, dan kan woonkostentoeslag worden verstrekt over deze gebroken maand als aan de voorwaarden wordt voldaan. Als de huur minder is dan de basishuur of als het recht op huurtoeslag op jaarbasis lager is dan € 24,00 dan wordt deze niet uitbetaald. Er bestaat dan ook geen recht op bijzondere bijstand. Huurders met woonlasten boven de huurtoeslaggrens Als de huur hoger is dan de bovengrens bestaat geen recht op huurtoeslag. Er kan op grond van individuele omstandigheden een woonkostentoeslag worden verstrekt. Hierbij wordt beoordeeld in hoeverre de situatie te voorkomen was en of belanghebbende hierin een verwijt kan worden gemaakt. Sociale omstandigheden Van 'sociale' omstandigheden is sprake als de situatie voortvloeit uit omstandigheden die niet als medisch zijn te kwalificeren, maar die het gevolg zijn van (veranderingen in) persoonlijke omstandigheden. Gedacht kan worden aan personen die na echtscheiding of overlijden alleen in een woning achterblijven. Duur van de bijstandsverlening en voorwaarden In geval van sociale omstandigheden kan de bijstand worden verleend voor maximaal twaalf maanden. Aan de bijstandsverlening wordt de voorwaarde verbonden dat men zo snel mogelijk dient te verhuizen naar een geschikte woning. Dit kan ook buiten de gemeentegrenzen zijn. De periode waarover de woonkostentoeslag is toegekend kan na afloop tijdelijk worden verlengd als blijkt dat belanghebbende nog niet over goedkopere woonruimte beschikt en hem of haar dit aantoonbaar niet te verwijten valt. Ook het omzien naar een andere (hogere) inkomensvoorziening kan als voorwaarde worden gesteld. Medische omstandigheden Van 'medische' omstandigheden is sprake als de woning waar aan hoge woonlasten zijn verbonden voor belanghebbende (of een gezinslid) passend is in verband met medische omstandigheden of omstandigheden, die maken dat wonen in een andere woning gezondheidsproblemen zou opleveren. Het kan daarbij gaan om een: speciaal wegens de handicap aangepaste woning; aanleunwoning voor bejaarden of een seniorenwoning; een woning, die op zich geen bijzondere bestemming heeft, maar die voor de betrokkene als noodzakelijk moet worden aangemerkt (denk aan 'droge' woningen). Als één van de onderstaande situaties zich voordoet, staat de medische noodzaak vast als: de woning voor betrokkene is aangepast via de WMO of de Wet langdurige zorg; de woning aan betrokkene is toegewezen wegens medische urgentie; er is een onafhankelijk medisch advies aanwezig. In geval van medische omstandigheden wordt de bijstand verstrekt voor onbepaalde tijd, waarbij deze eindigt op het moment dat de medische noodzaak niet langer aanwezig is of het inkomen van betrokkene dermate stijgt dat niet langer bijstand verstrekt kan worden. Omdat in het geval van medische noodzaak meestal geen goedkoper alternatief bestaat, wordt aan deze bijstandsverlening geen verhuisverplichting verbonden. Passendheidsverklaring In bijzondere omstandigheden kan de gemeente als de huur de maximale huurgrens overschrijdt een “passendheidsverklaring” voor de woning afgeven. Dit houdt in dat de huurder alsnog in aanmerking kan komen (als aan overige voorwaarden wordt voldaan) voor een huurtoeslag op grond van de Wet op de huurtoeslag. De gemeente mag maximaal voor 4% van de woningmutaties een dergelijke verklaring afgeven. De verklaring moet aangevraagd worden op het moment van aanvaarden van de woning, maar uiterlijk binnen 6 maanden na aanvaarding van de woning. Denk hierbij vooral aan de situatie van een aanvrager die jonger is (of waarvan de partner jonger is) dan 23 jaar met een of meer ten laste komende kinderen. In deze situatie zijn de zogenaamde “jongerenwoningen” niet geschikt en zijn betrokkenen aangewezen op een gezinswoning waarvan de huur vaak hoger is dan de maximale huurgrens voor jongeren. Hoogte bijzondere bijstand Voor huren tot de huurtoeslaggrens is de woonkostentoeslag gelijk aan het bedrag dat ontvangen zou zijn als er wel recht op huurtoeslag bestond. Voor huren boven de huurtoeslaggrens bedraagt de woonkostentoeslag het verschil tussen de maximale huurgrens en de werkelijk rekenhuur. Wanneer een huurtoeslag alsnog wordt uitbetaald dan moet de bijzondere bijstand worden terugbetaald. Voor het berekenen van de hoogte van de woonkostentoeslag kan de proefberekening van de belastingdienst worden gebruikt (www.belastingdienst.nl/rekenhulpen/toeslagen) of de tool op de website https://langhenkel-talenter.nl/winkel/gratis-berekeningen/ (berekening woonkostentoeslag eigen woning en huurwoningen). Bewijsstukken Huurspecificatie; Afwijzing huurtoeslag (indien van toepassing); Proefberekening huurtoeslag. Woonkostentoeslag recreatiewoningen Huurders van een recreatiewoning ontvangen geen huurtoeslag meer. Personen die zich inschrijven op het adres van een recreatiewoning krijgen van de afdeling burgerzaken een brief mee waarin staat dat wonen in een recreatiewoning niet is toegestaan. Er bestaat in principe geen recht op bijzondere bijstand in de vorm van een woonkostentoeslag. Hierop zijn twee uitzonderingen gemaakt; De belanghebbende bewoont onrechtmatig een recreatiewoning en kan aantonen dat hij/zij in echtscheiding ligt en de zorg heeft voor minderjarige kinderen. Dit kan worden toegelaten gedurende een termijn van maximaal zes maanden. Gelet op hun positie kan een woonkostentoeslag toegekend worden gedurende maximaal tien maanden. De belanghebbende bewoont onrechtmatig een recreatiewoning en kan aantonen dat hij/zij in een traject betrokken is waarin het sociaal wijkteam, Limor, ZIENN of FACT regie voert met o.a. de intentie om andere woonruimte de vinden. Dit kan worden toegelaten gedurende een termijn van tien maanden. Gelet op hun positie kan een woonkostentoeslag toegekend worden gedurende maximaal tien maanden. Wel (tijdelijk) woonkostentoeslag Tot slot hebben we nog te maken met de groep die reeds lange tijd in de recreatiewoning woont (in ieder geval voor 1 januari 2018). Hun verblijf in een recreatiewoning binnen de gemeente is onrechtmatig, maar wel lange tijd gedoogd. Deze groep kan ook een woonkostentoeslag worden toegekend gedurende een beperkte termijn van maximaal tien maanden. Als aangetoond is dat alles in het werk is gesteld om voor een andere (reguliere) woning in aanmerking te komen. 2.Berekening woonkostentoeslag eigenaren Als er sprake is van een door de inwoner zelf bewoonde eigen woning en er is sprake van een inkomensterugval, kan er tijdelijk bijzondere bijstand worden verstrekt voor woonkosten. Om in aanmerking te komen voor woonkostentoeslag moet sprake zijn van woonlasten in verband met eigendom van de woning. Recht op bijstand woonkosten minder dan de basishuur uit de Wet Huur Toeslag. Als de huur minder is dan de basishuur of als het recht op huurtoeslag op jaarbasis lager is dan € 24,00 dan wordt deze niet uitbetaald. Er bestaat dan ook geen recht op bijzondere bijstand. Voorliggende voorziening De woningeigenaar kan bij de belastingdienst een (voorlopige) teruggave aanvragen wegens eigen woning (renteaftrek), hierdoor verminderen de woonkosten. Hoogte bijzondere bijstand De berekening van de hoogte van de woonkostentoeslag voor eigenaren komt grotendeels overeen met die voor huurders. Hieronder volgt een opsomming van de woonkosten van eigenaren die in aanmerking komen voor woonkostentoeslag. Woonkosten van eigenaren die in aanmerking komen voor woonkostentoeslag De rente die verband houdt met de woning. Het gaat hier meestal om hypotheekrente. Het is niet van belang of de eigenaar de hypotheekrente ook daadwerkelijk betaalt. De belastingteruggave in verband met renteaftrek waarop belanghebbende aanspraak kan maken moet hierop in mindering gebracht te worden. De renteaftrek kan voorlopig op 30% van de verschuldigde rente worden vastgesteld. Verder geldt dat jaarlijks te ontvangen rijkssubsidie die betrekking heeft op de verschuldigde hypotheekrente hierop in mindering moet worden gebracht. Hypotheekrente voor leningen anders dan voor de woning, bijvoorbeeld voor een auto of caravan, mogen niet worden meegeteld. De aflossing van de hypotheek telt niet mee, dit geldt dus ook voor de premies van zogenaamde spaarhypotheken. Zakelijke lasten in verband met het hebben van eigendom, zoals: rioolrechten; eigenaarsdeel waterschapslasten; erfpachtcanon; premies van verzekeringen tegen brand- en stormschade (opstalverzekering); eigenaarsdeel onroerende zaakbelasting. Een bedrag voor onderhoud Hiervoor gelden de bedragen die zijn opgenomen in het actuele overzicht van normen en bedragen. Deze bedragen zijn door het ministerie van VROM vastgesteld. Onderhoudskosten eigen woning. Voor bedragen zie Schulinck, normen en bedragen, onderhoudskosten eigen woning Hoogte bijzondere bijstand Voor woonlasten tot de huurtoeslaggrens is de woonkostentoeslag gelijk aan het bedrag dat ontvangen zou zijn als er recht op huurtoeslag bestond. Voor woonlasten boven de huurtoeslaggrens bedraagt de woonkostentoeslag het verschil tussen de maximale huurgrens en de werkelijk woonlasten. Voor het berekenen van de hoogte van de woonkostentoeslag kan de proefberekening van de belastingdienst worden gebruikt of de tool op de website https://langhenkel-talenter.nl/winkel/gratis-berekeningen/ (berekening woonkostentoeslag eigen woning en huurwoningen). Periode bijzondere bijstand De woonkostentoeslag wordt toegekend voor de periode van maximaal 1 jaar. Daarbij wordt de verplichting opgelegd om te zoeken naar goedkopere huisvesting (bijvoorbeeld huurwoning waarvoor recht bestaat op huurtoeslag). De periode waarover de woonkostentoeslag is toegekend kan na afloop tijdelijk worden verlengd indien het feit dat de belanghebbende nog niet over goedkopere woonruimte beschikt hem niet te verwijten valt. Aan de bijstand verbonden verplichtingen Naast de algemene verplichtingen wordt een bestedingsverplichting opgelegd. Ook wordt de verplichting opgelegd om te zoeken naar goedkopere huisvesting (bijvoorbeeld huurwoning waarvoor recht bestaat op huurtoeslag). Ook het omzien naar een andere (hogere) inkomensvoorziening kan als voorwaarde worden gesteld. Belanghebbende moet aangifte doen en de definitieve aanslag inkomstenbelasting inleveren (i.v.m. belastingteruggave eigen woning).

Rechtspraak bij dit artikel