Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5.

Artikel 5.2

EMVI als norm

Onderdeel van Inkoop- en aanbestedingsbeleid 2017

De Gemeente gunt overheidsopdrachten aan de economisch meest voordelige inschrijver. De economisch meest voordelige inschrijving (EMVI) wordt door de Gemeente vastgesteld op basis van de Beste prijskwaliteitverhouding (Beste PKV); Laagste kosten berekend op basis van kosteneffectiviteit (Laagste KBK), zoals de levenscycluskosten, of Laagste prijs (LP). Als er onvoldoende onderscheidende criteria zijn, waarop inschrijvers toegevoegde waarde kunnen leveren, dan kiest de Gemeente voor LP of Laagste KBK. Indien mogelijk en van toepassing wordt dit al in de aanbestedingsstukken gemotiveerd. Omwille van de objectiviteit wordt de kwaliteitsbeoordeling zoveel mogelijk losgekoppeld van de prijsbeoordeling: het zogeheten twee-enveloppensysteem. Alleen als het technische voorstel (eerste envelop) voldoet aan de criteria gaat de tweede envelop open: het financiële voorstel. Omwille van de transparantie kunnen inschrijvers waar mogelijk en zinvol aanwezig zijn bij het ‘openen van de tweede envelop’. 5.3 Onafhankelijkheid en keuze voor de ondernemersrelatie a.. De Gemeente acht een te grote afhankelijkheid van Ondernemers niet wenselijk De Gemeente streeft naar onafhankelijkheid ten opzichte van Ondernemers (Contractanten) zowel tijdens als na de contractperiode. De Gemeente is in beginsel vrij in het maken van keuzes bij haar Inkoop (waaronder de keuze van Ondernemer(s) en Contractant(en), maar ook vanwege de naleving van de (Europese) wet- en regelgeving. b.. De Gemeente kiest voor de meest aangewezen ondernemersrelatie Gedurende de contractperiode kan bij de Contractant afhankelijkheid ontstaan van de Gemeente door bijvoorbeeld de te behalen doelstellingen, resultaten, productontwikkelingen (innovatie) of het creëren van prikkels. De Gemeente kiest in dat geval voor de meest aangewezen ondernemersrelatie. De mate van (on)afhankelijkheid in een ondernemersrelatie wordt onder andere bepaald door de financiële waarde van de opdracht, switchkosten, mate van concurrentie in de sector (concentratiegraad) en beschikbaarheid van alternatieve Ondernemers. De inkoopportfoliobenadering van Kraljic maakt het mogelijk te komen tot een gedifferentieerde leveranciersbenadering. De inspanning die wordt gestoken in het afsluiten en beheren van contracten wordt afgestemd op de positie van het betreffende product in de Kraljic-matrix. De Kraljic-matrix karakteriseert producten naar de mate van financieel risico/belang en toeleveringsrisico. Afhankelijk van de plaats van het betrokken inkoopprodukt in de inkoopportfolio zal een andere leveranciersbenadering de voorkeur verdienen. Met leveranciersrelaties in het Kraljicmodel worden bedoeld: samenwerking (Strategische producten), zekerstellen toelevering (Bottleneck producten), bestellen (Routineproducten) en concurrentiestelling (Hefboomproducten).

Rechtspraak bij dit artikel