In de gevallen waarin de toepassing van dit beleid leidt tot een onredelijke uitkomst voor de gemeente, hetgeen ter uitsluitende beoordeling aan de gemeente is, is de gemeente gerechtigd af te wijken van het Inkoopbeleid. Dit kan alleen van toepassing zijn op aanbestedingen waarop, door de hoogte van de opdrachtwaarde, de Europese regelgeving niet (rechtstreeks) van kracht is. Voor opdrachten waarvan de opdrachtwaarde boven de actuele Europese aanbestedingsdrempel ligt, is sprake van hogere wetgeving waarvan niet kan worden afgeweken door te kiezen voor een lagere aanbestedingsprocedure.
Afwijking is in elk geval mogelijk in geval van calamiteiten, waardoor Werken, Leveringen of Diensten nodig zijn om een onmiddellijke noodsituatie te verhelpen. Ook indien de te verwachten voordelen van een andere aanbestedingsvorm dan de in dit beleid voorgeschreven aanbestedingsvorm redelijkerwijs groter worden ingeschat, mag worden afgeweken van de voorgeschreven aanbestedingsvorm voor zover één en ander op basis van de geldende wet- en regelgeving mogelijk is en dit op objectieve gronden kan worden beargumenteerd. Hierbij wordt rekening gehouden met het Proportionaliteitsbeginsel.
Het niet tijdig starten van de aanbestedingsprocedure is geen geldig argument.
Het afwijken van het Inkoopbeleid is toegestaan, mits dit over een inkoopopdracht gaat < €100.000,- èn er een akkoord is van de inkoopadviseur. Het afwijken van het advies van de inkoopadviseur, moet altijd ter besluitvorming aan het college van B&W worden voorgelegd en vastgesteld. De budgetbeheerder is verantwoordelijk voor het bijbehorende collegeadvies en voor het betrekken van de inkoopadviseur bij het opstellen hiervan.