Naar hoofdinhoud

Artikel 12

Vervoersvoorzieningen

Onderdeel van BELEIDSREGELS LEERLINGENVERVOER ARNHEM 2022

Basis is artikel 12 t/m 16 van de Verordening Leerlingenvervoer Berekening afstandsgrenzen Bij de beoordeling van de aanvragen moet de afstand van woning/opstapplaats naar school worden berekend om: vast te stellen of aan het afstandscriterium wordt voldaan: in artikel 12 van de verordening staat dat het moet gaan om een afstand van meer dan 6 kilometer; te bepalen welke school dichterbij de woning staat; de hoogte van de vergoeding voor de auto/fiets/OV vast te stellen. Voor de berekening van de hiervoor bedoelde afstand wordt gebruik gemaakt van de ANWB routeplanner. Bij de berekening wordt uitgegaan van de optie kortste route per fiets. Aan de hand van deze afstand wordt bepaald of voldaan wordt aan het afstandscriterium en of het de dichtstbijzijnde school betreft. Als er een vergoeding voor het eigen vervoer (fiets of eigen auto) wordt toegewezen, wordt het aantal te vergoeden kilometers vastgesteld op de afstand die aan de hand van dat vervoermiddel is berekend met de ANWB routeplanner. Bevorderen zelfstandig reizen De gemeente Arnhem wil zelfstandig(er) reizen stimuleren en helpen mogelijk te maken. Op ieder moment kunnen ouders en leerlingen met de gemeente in gesprek gaan over de mogelijkheden om (meer) zelfstandig te gaan (leren) reizen. Ook de gemeente kan contact zoeken met ouders en leerlingen. Indien het nodig is om te oefenen met de leerling, zijn ouders en het eigen netwerk de eerste aangewezenen om dit te doen. Indien er geen adequate ondersteuning kan komen uit het eigen netwerk, kan er gekeken worden naar de mogelijkheden van de inzet van het leertraject zelfstandig leren reizen. In Arnhem wordt gewerkt met de inzet van de Reiskoffer, waarin verschillende vormen van ondersteuning worden aangeboden om leerlingen zelfstandig te leren reizen. In groep 7 wordt het vrijblijvend aangeboden, vanaf groep 8 en in het VSO is het een verplicht traject. Als niet meegewerkt wordt aan het leertraject of het (medisch) onderzoek om te beoordelen of zelfstandig leren reizen mogelijk is, kan besloten worden om geen vervoersvoorziening toe te wijzen of de reeds ingezette vervoersvoorziening stop te zetten. Als ouders met een (medische) verklaring kunnen aantonen waarom het zelfstandig leren reizen met de fiets of het openbaar vervoer niet mogelijk is, besluit het college om de leerling van groep 8 niet te verplichten deel te nemen aan het leertraject of deelname uit te stellen tot op het VSO. Mocht de leerling via de Jeugdwet al een vorm van persoonlijke begeleiding toegewezen hebben gekregen, dan zal worden bekeken of deze begeleider ook de hulpvraag van het zelfstandig(er) reizen op kan nemen in het hulpverleningsplan. Als tijdens de oefenperiode de vervoersvoorziening moet worden aangepast, zal vanuit leerlingenvervoer worden gekeken naar de mogelijkheden. Als het zelfstandig(er) reizen toch niet haalbaar blijkt, dan is er (weer) aanspraak op een vervoersvoorziening op basis van onzelfstandigheid en/of een beperking (conform de verordening). Vervoersvoorzieningen De onderstaande voorwaarden hanteert de gemeente als algemene richtlijnen. Wanneer persoonskenmerken of andere factoren er toe leiden, dat nader onderzoek nodig is om vast te stellen of de betreffende leerling al dan niet binnen de hieronder gestelde criteria valt, kan hiervan afgeweken worden. Dergelijke omstandigheden worden meegenomen in de beoordeling. Fietsvergoeding Indien twijfel bestaat over de fietsmogelijkheden van de leerling wordt een (medische) verklaring bij de ouders opgevraagd of een medisch advies ingewonnen over de beperkingen van de leerling met betrekking tot reizen met de fiets. Van kinderen van 9 jaar of ouder wordt in principe verwacht dat zij zelfstandig kunnen fietsen. Dit wordt gezien als voorbereiding op het voortgezet onderwijs. De volgende uitgangspunten gelden met betrekking tot de maximale fietsafstand: 4 jaar tot en met 8 jaar: 6 kilometer, door het kind zelf of bij ouder achterop de (brom)fiets 9 jaar: door het kind 7 kilometer 10 jaar: door het kind 8 kilometer 11 jaar: door het kind 9 kilometer voor het primair onderwijs geldt een maximum van 9 kilometer voor het voortgezet onderwijs geldt een maximum van 12 kilometer Leerlingen die in staat zijn zelfstandig te fietsen naar voortgezet (speciaal) onderwijs kunnen geen vergoeding krijgen. Vergoeding openbaar vervoer Bekostiging van OV-kosten kan uitgekeerd worden op basis van betalen van de gemaakte OV kosten (betaalbewijzen of uitdraai OV-chipkaart als bewijslast) of in de vorm van een OV-abonnement. De in de Verordening genoemde eigen bijdrage dient door de leerling/ouder betaald te zijn, voordat een OV-abonnement wordt verstrekt. Indien twijfel bestaat over de mogelijkheden van de leerling om met het OV te reizen wordt een medische verklaring bij de ouders opgevraagd of een medisch advies ingewonnen over de beperkingen van de leerling met betrekking tot reizen met het OV. Er wordt uitgegaan van de informatie van de website 9292.nl bij het vaststellen of reizen feitelijk met het OV mogelijk is. De maximaal door de leerling lopend af te leggen afstand van een halte van het OV tot de schoollocatie wordt bepaald op 1 km. Aangepast vervoer Bij aangepast vervoer wordt in beginsel uitgegaan van vervoer van en naar opstapplaatsen. Het uitgangspunt is om te streven naar een zo kort mogelijke reistijd. De gemeente heeft echter ook rekening te houden met een efficiënte uitvoering van het leerlingenvervoer door het combineren van vervoer. De individuele verblijfstijd per kind in het voertuig mag niet meer zijn dan 90 minuten. De reistijd mag voor de leerling langer dan de hiervoor genoemde 90 minuten zijn, als: het niet mogelijk is om binnen deze tijd te blijven vanwege de afstand van de woning/opstapplaats naar school; of als het anders niet mogelijk is naar verder weggelegen scholen het vervoer van deze leerling te combineren met andere leerlingen en er daardoor meerdere voertuigen ingezet moeten worden terwijl er voldoende zitplaatsen in het voertuig over zijn. De vervoerder gaat over de uitvoering van het aangepast vervoer en dat betekent onder andere dat zij de haal- en brengtijden bepalen. Hiervoor wordt ook verwezen naar het vervoersreglement van de vervoerder. Bijzondere indicaties in het aangepast vervoer kunnen onder voorwaarden worden toegekend. Het gaat hierbij om de volgende indicaties en voorwaarden: Individueel vervoer Voor deze indicatie kan men in aanmerking komen als de volgende punten van toepassing zijn: er is sprake van een medische noodzaak: er moet een medische verklaring, opgesteld door een medisch specialist, waarin vermeld staat dat de indicatie noodzakelijk is, worden aangeleverd; begeleiding in de taxi is geen oplossing. Voorinzitgarantie Bij aangepast vervoer bestaat de mogelijkheid van de voorinzitgarantie. Dit betekent dat de leerling altijd voorin de taxi, dat wil zeggen naast de bestuurder, kan zitten tijdens de rit. Ook voor deze indicatie geldt in het leerlingenvervoer een medische verklaring van een medische specialist waarin is aangegeven waarom de indicatie noodzakelijk is. Medisch begeleider Indien het tijdens de rit (medisch) noodzakelijk is dat er een begeleider aanwezig is kan er een indicatie medisch begeleider worden afgegeven. Het kan hierbij bijvoorbeeld gaan om het uitvoeren van medisch noodzakelijke handelingen tijdens de rit of zeer ernstig gedragsmatige redenen. Voor deze extra indicatie kan men in aanmerking komen mits er sprake is van een medische verklaring afgegeven door een medisch specialist waarin is aangegeven waarom de indicatie noodzakelijk is. Eigen vervoer Er wordt een vergoeding voor het gebruik van de eigen auto gegeven, als aan de volgende voorwaarden is voldaan: er zou leerlingenvervoer zijn toegekend als men niet zelf zou vervoeren; er is expliciet gevraagd om een vergoeding voor gebruik van de eigen auto; de vergoeding voor gebruik van de eigen auto is voor de gemeente goedkoper dan de kosten van de vervoersvoorziening die op grond van het beleid zou worden toegewezen (OV of aangepast vervoer). Hoogte kilometervergoeding De kilometervergoeding is opgenomen in de Verordening. Voor de hoogte van de vergoeding voor het gebruik van de eigen auto wordt uitgegaan van de algemeen gebruikelijke belastingvrije kilometervergoeding.

Rechtspraak bij dit artikel