Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1:1

Definities

Onderdeel van ALGEMENE PLAATSELIJKE VERORDENING BAARN 2019

In deze verordening wordt verstaan onder: - bebouwde kom: het gebied binnen de grenzen die zijn vastgesteld op grond van artikel 20a van de Wegenverkeerswet 1994; - bevoegd gezag: bestuursorgaan dat bevoegd is tot het nemen van een besluit ten aanzien van een omgevingsvergunning als bedoeld in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; - bouwwerk: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1.1, eerste lid van de Bouwverordening Baarn 2012 daaronder wordt verstaan; - bromfiets: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, onder e van de Wegenverkeerswet 1994; - college: het college van burgemeester en wethouders van Baarn; - deelvoertuig: een publiek toegankelijk (elektrisch) voertuig, niet zijnde een (elektrische) auto, dat bedrijfsmatig op een openbare plaats wordt aangeboden door een commerciële aanbieder; - gebouw: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, van de Woningwet; - handelsreclame: iedere openbare aanprijzing van goederen of diensten, waarmee kennelijk beoogd wordt een commercieel belang te dienen; - motorvoertuig: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990; - openbaar water: wateren die voor het publiek bevaarbaar of op andere wijze toegankelijk zijn; - openbare plaats: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van de Wet openbare manifestaties; - rechthebbende: degene die over een zaak zeggenschap heeft krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht; - voertuig: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, met uitzondering van kleine wagens zoals kruiwagens en kinderwagens, en rolstoelen; - weg: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, onder b van de Wegenverkeerswet 1994.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel