Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 14 |

Spreekrecht publiek

Onderdeel van Reglement van orde op de vergaderingen van de raadscommissies Alkmaar, 2022

1.. Een ieder kan aan een commissie verzoeken het woord te voeren over een onderwerp dat: als Te Bespreken staat geagendeerd; vreemd aan de orde van de agenda is voor zover het onderwerp behoort tot de competentie van de commissie. 2.. Het verzoek wordt tenminste 6 uur vóór aanvang van de vergadering kenbaar gemaakt bij de commissiegriffier. De inspreker meldt daarbij zijn naam, (mail)adres, telefoonnummer en het onderwerp waarover hij het woord wil voeren. 3.. Een inspreker krijgt maximaal 3 minuten de gelegenheid om kort en bondig iets onder de aandacht van de commissie te brengen, zonder dat daarbij namen worden genoemd van personen die niet aanwezig zijn. 4.. De voorzitter bepaalt de volgorde van de sprekers. De spreker voert het woord nadat de voorzitter hem dit heeft verleend. Na afloop van het betoog kan de voorzitter toestaan dat een commissielid een korte verhelderende vraag stelt aan de inspreker. Er vindt geen discussie met de inspreker plaats. 5.. Het woord kan niet gevoerd worden over: een besluit van het gemeentebestuur waartegen bezwaar en beroep openstaat of heeft opengestaan; benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van personen. een gedraging waarover een klacht ex artikel 9:1 van de Algemene wet Bestuursrecht kan worden ingediend. 6.. Op voorstel van de voorzitter kan de commissie besluiten om de inspreker bij aanvang van het te bespreken onderwerp het woord te geven. 7.. De inspreker is gehouden zijn betoog onverwijld te beëindigen indien de voorzitter hen daartoe verzoekt, zijn spreektijd is gebruikt of de orde van de vergadering dit noodzakelijk maakt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel