Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 4.1

Algemene uitgangspunten

Onderdeel van Standplaatsenbeleid Gemeente Brunssum 2021

Artikel 168 Gemeentewet verleent de gemeentelijke overheid de mogelijkheid om op grond van openbare orde, zedelijkheid, gezondheid en andere gemeentelijke belangen ook regelend op te treden op het gebied van standplaatsen. E.e.a. is geregeld in Afdeling 4. Standplaatsen (artikelen 5:17 t/m 5:20 van de Algemene Plaatselijke Verordening). Op basis van artikel 5:18, eerste lid van de Algemene Plaatselijke Verordening van de gemeente Brunssum is het verboden om zonder vergunning van het college een standplaats in te nemen of te hebben. In het tweede lid is bepaald dat het college de vergunning kan weigeren wegens strijd met een geldend bestemmingsplan. In het derde lid is bepaald dat onverminderd het bepaalde in artikel 1.8 de vergunning kan worden geweigerd: indien de standplaats hetzij op zichzelf hetzij in verband met de omgeving niet voldoet aan eisen van redelijke welstand; indien als gevolg van bijzondere omstandigheden in de gemeente of in een deel van de gemeente redelijkerwijs te verwachten is dat door het verlenen van de vergunning voor een standplaats voor het verkopen van goederen een redelijk verzorgingsniveau voor de consument ter plaatse in gevaar komt. Ingevolge artikel 1.8 van de Algemene Plaatselijke Verordening kan de vergunning worden geweigerd in het belang van de openbare orde, openbare veiligheid, de volksgezondheid of de bescherming van het milieu. Aan de hand van deze weigeringsgronden kunnen beleidsregels worden vastgesteld, waarin wordt aangegeven wanneer wel en niet een standplaatsvergunning wordt verleend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel