In deze verordening wordt verstaan onder
minister: de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen;
bevoegd gezag: bevoegd gezag van een volgens de Wet op het primair onderwijs, bekostigde openbare of bijzondere school, die geheel of gedeeltelijk gehuisvest is in een gebouw dat zich bevindt op het grondgebied van de gemeente;
school: school voor basisonderwijs, basisschool als bedoeld in artikel 1 van de wet op het primair onderwijs;
nevenvestiging: deel van een school dat door de minister ingevolge artikel 85 van de Wet op het primair onderwijs, voor bekostiging in aanmerking is gebracht;
voorziening: voorzieningen in de huisvesting als bedoeld in artikel 2;
programma: het programma als bedoeld in artikel 95 Wet op het primair onderwijs;
overzicht: het overzicht van de niet in het kader van de vaststelling van het programma ingewilligde aanvragen als bedoeld in artikel 96 van de Wet op het primair onderwijs;
aanvrager: het bevoegd gezag dat een aanvraag indient;
aanvraag: verzoek om bekostiging van een voorziening of om het bekostigen van een voorbereidingskrediet;
voor blijvend gebruik bestemde voorziening: voorziening in de huisvesting die, volgens de uitkomst van de prognose als bedoeld in bijlage II van deze verordening minimaal 15 jaar noodzakelijk is;
voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening: voorziening in de huisvesting die, volgens de uitkomst van de prognose als bedoeld in bijlage II van deze verordening tenminste 4 jaar en maximaal15 jaar noodzakelijk is;
tijdelijk gebouw: al dan niet verplaatsbare ruimte die door de keuze van het ontwerp en de aard van de constructie en materialen ten minste 15 jaren als volwaardige huisvesting voor het onderwijs kan functioneren;
lokaal bewegingsonderwijs: ruimte die geschikt is voor bewegingsonderwijs;
advies Onderwijsraad: een advies van de Onderwijsraad als bedoeld in artikel 95, negende lid, van de Wet op het primair onderwijs;
verhuur: het gebruik van een onderwijsgebouw door derden, niet zijnde onderwijsgebruik of gebruik ten behoeve van culturele, maatschappelijke of recreatieve doeleinden.
Medegebruik: gebruik van een onderwijsgebouw ten behoeve van onderwijs van een andere school of van culturele, maatschappelijke of recreatieve doeleinden.
Hoofdstuk 1
Artikel 1
Definities
Onderdeel van Verordening voorzieningen huisvesting basisonderwijs Bergeijk 2022