Immateriële vaste activa zijn uitgaven waar geen tastbare gemeentelijke bezittingen tegenover staan.
Op de balans worden immateriële vaste activa afzonderlijk opgenomen (BBV art. 34):
Kosten verbonden aan het sluiten van geldleningen worden niet geactiveerd, maar in één keer afgeschreven;
Een saldo voor agio of disagio wordt lineair afgeschreven over de looptijd van de betreffende schulden;
Kosten van onderzoek en ontwikkeling, die niet direct gerelateerd kunnen worden aan de totstandkoming van het actief, zoals de kosten van haalbaarheidsonderzoeken, worden geactiveerd en in 4 jaar afgeschreven.
Hoofdstuk 2- › Paragraaf 2.1
Artikel 2.1.1
- Immateriële vaste activa
Onderdeel van Nota waardering en afschrijving 2021