Gemeenten kunnen op grond van de Gemeentewet belastingen heffen. De mogelijkheid daartoe is wel beperkt. Gemeenten mogen alleen die belastingen heffen, waarvan de Gemeentewet dat uitdrukkelijk toestaat.
Belastingen
In de artikelen 220 tot en met 228 van de Gemeentewet staan de volgende belastingen vermeld, die geheven mogen worden:
Onroerende-zaakbelastingen (artikel 220)
Roerende woon- en bedrijfsruimtebelasting (artikel 221)
Baatbelasting (artikel 222)
Forensenbelastingen (artikel 223)
Toeristenbelasting (artikel 224)
Parkeerbelastingen (artikel 225)
Hondenbelasting (artikel 226)
Reclamebelasting (artikel 227)
Precariobelasting (artikel 228)
Bestemmingsheffingen
Naast bovenstaande belastingen in de gemeentewet, bestaan er bestemmingsheffingen. Een bestemmingsheffing is een belasting die geheven wordt ter bestrijding van specifieke kosten, maar niet gekoppeld is aan een individuele dienst. De begrote opbrengst van de bestemmingsheffing mag de voor dat doel begrote kosten niet overtreffen. De heffingen mogen dus niet meer dan kostendekkend zijn. Er zijn twee soorten bestemmingsheffingen:
Afvalstoffenheffing (Wet Milieubeheer, artikel 15.33)
Rioolheffing (Gemeentewet, artikel 228a)
Afvalstoffenheffing
Op grond van de Wet Milieubeheer, artikel 15.33, hebben gemeenten de wettelijke taak om zorg te dragen voor de verwijdering van de afvalstoffen, die afkomstig zijn van particuliere huishoudens. Er zijn twee soorten heffingen voor het innemen en verwerken van afvalstoffen: de afvalstoffenheffing en het reinigingsrecht. Het verschil tussen beide is de grondslag voor de heffing.
De afvalstoffenheffing wordt geheven binnen het gehele gebied waar het gemeentebestuur een ophaalplicht heeft. Dat betekent dat de gemeente de afvalstoffenheffing binnen het gebied mag heffen, ook als in feite geen afval wordt aangeboden. Het is daarom een bestemmingsheffing en geen recht.
Een reinigingsrecht kan door de gemeente in rekening worden gebracht ter dekking van de kosten voor het daadwerkelijk ophalen en verwijderen van aangeboden huishoudelijk afval. Gemeenten kunnen een gedifferentieerd tarief toepassen. Dat betekent dat ze niet een vast bedrag hoeven te bepalen, maar bijvoorbeeld verschillende tarieven kunnen hanteren voor één- en meerpersoonshuishoudens of een tarief afhankelijk van het gewicht van het aangeboden afval. Het is ook mogelijk een vast recht te heffen van iedereen binnen het gebied waar de ophaalplicht geldt en daarnaast een tarief afhankelijk van de feitelijk aangeboden hoeveelheid afval.
Rioolheffing
De rioolheffing is met ingang van 2008 in de Gemeentewet in artikel 228a geregeld. De rioolheffing kan worden geheven ter bestrijding van / het beheer van huishoudelijk- en bedrijfsafvalwater, regenwater en de grondwaterstand. In artikel 229 lid 2 Gemeentewet blijft daarnaast nog de mogelijkheid gehandhaafd om een eenmalig rioolaansluitrecht te heffen.
Hoofdstuk
Artikel 2.1
Heffingen van belastingen
Onderdeel van Nota kostentoerekening gemeente Goes 2021