Een belangrijk aspect van de methodiek van het risicomanagement is dat alle risico’s samen de norm bepalen. Impliciet betekent dit dat we ervan uitgaan dat niet alle risico’s op hetzelfde moment tot een nadeel leiden. Met andere woorden de financiële risico’s in totaal zorgen voor een juiste norm en alle vrije reserves zorgen in totaal voor het weerstandsvermogen. Op deze hoofdlijn worden twee uitzonderingen gemaakt:
Risicoreserve grondexploitaties (bestaand). Met de bouwgrondexploitatie zijn grote risico’s gemoeid. De exploitatie strekt zich uit over een groot aantal jaren en het gaat om grote investeringen. De risico’s worden zoveel mogelijk gekwantificeerd en in de exploitatieopzet meegenomen. Sommige risico’s zijn echter niet of nauwelijks te kwantificeren, vooral een aantal algemene risico’s welke inherent zijn aan de bouwgrondexploitatie. De reserve bouwgrondexploitatie dient om deze risico’s op te vangen. In Goes wordt voor de bouwgrond de risicomethode “scenarioanalyse” toegepast. De methode, met bijbehorende risico’s en benodigde omvang, wordt jaarlijks bij de actualisatie van de bouwgrondcomplexen opgesteld en aan de raad voorgelegd;
Risicoreserve sociaal domein. De decentralisaties in het sociaal domein hebben ervoor gezorgd dat het begrotingssaldo substantieel is gestegen. Het aantal regelingen met een open einde en de daarbij behorende risico’s voor de gemeente zijn daardoor fors toegenomen. De kans dat deze risico’s zich voordoen en de hoogte van deze risico’s zijn aanleiding om een adequate risicoreserve sociaal domein te vormen zodat de pieken in de uitgaven kunnen worden opgevangen en er voldoende tijd is om maatregelen te nemen waarmee de uitgaven weer binnen de begroting kunnen worden gebracht. In hoofdstuk 4 worden de uitgangspunten en afspraken voor deze risicoreserve beschreven.