Bij het uitzetten van middelen gelden de volgende uitgangspunten:
Overtollige liquide middelen (boven het drempelbedrag) van de gemeente mogen alleen in rekening-courant en via deposito’s bij de schatkist worden aangehouden of onderling worden uitgeleend aan andere decentrale overheden;
Het drempelbedrag is gelijk aan 2% van het jaarlijkse begrotingsomvang met een maximum van € 500 miljoen. Het minimum drempelbedrag is € 1.000.000,-.
Uitzettingen worden uitsluitend gedaan onder de in artikel 2.1 genoemde voorwaarden.