Naar hoofdinhoud
Het raadslid of de fractievertegenwoordiger levert de raadsgriffier de informatie aan over alle functies die het raadslid of de fractievertegenwoordiger vervult bij aanvang van het raadslidmaatschap en die niet zijn het raadslidmaatschap of het vertegenwoordigen van de fractie. Als gaande de benoeming nieuwe nevenfuncties aanvaard worden of de omstandigheden met betrekking tot bestaande nevenfuncties wijzigen, wordt de informatie die hierop betrekking heeft binnen één week aangeleverd bij de raadsgriffier. De burgemeester en de raadsgriffier bespreken de andere functies met het raadslid of de fractievertegenwoordiger voorafgaand of bij de benoeming. Van dat gesprek en eventueel gemaakte afspraken maakt de griffier een verslag. Dat verslag wordt gevoegd bij de geloofsbrieven. Het verslag wordt ook ter kennis van het presidium gebracht. De griffier legt een register van de nevenfuncties van raadsleden en fractievertegenwoordigers aan en beheert dit register. Het register is openbaar en zijn via internet vindbaar. De gemeentesecretaris en de griffier bespreken de nevenfuncties die niet aan de functie verbonden zijn, met de burgemeester en de individuele wethouders voorafgaand aan de aanvaarding. Een wethouder en de burgemeester meldt het voornemen om een nevenfunctie te gaan vervullen aan de gemeenteraad en de gemeentesecretaris. De gemeentesecretaris legt een register aan van de nevenfuncties van de burgemeester en de wethouders en beheert dit register. Het register is openbaar en de nevenfuncties zijn via internet vindbaar. De informatie over de nevenfunctie van raadssleden, fractievertegenwoordigers, wethouders en de burgemeester betreft in ieder geval: de omschrijving van de nevenfunctie; de organisatie voor wie de nevenfunctie wordt verricht; of het al dan niet een nevenfunctie betreft die voortvloeit uit raadslidmaatschap of het zijn van wethouder of burgemeester; en of de nevenfunctie bezoldigd of onbezoldigd is. Toelichting artikel 2: Het betreft een uitwerking van de wettelijke verplichting om nevenfuncties openbaar te maken. De informatie wordt gepubliceerd op de website van de gemeente Voorst. Het raadslid, de fractievertegenwoordiger, de wethouder en de burgemeester zijn verantwoordelijk voor het tijdig aanleveren van de informatie en voor de actualiteit daarvan. Het doel van dat register is om duidelijk te maken of en welke andere belangen elk raadslid en elke fractievertegenwoordiger heeft. Iets soortgelijks geldt voor de burgemeester en de wethouders van Voorst. Voordat een raadslid of fractievertegenwoordiger benoemd wordt heeft hij of zij een gesprek met de burgemeester en de griffier. Mede aan de hand van een overzicht van de andere functies van het kandidaat raadslid of fractievertegenwoordiger bespreken de burgemeester en de griffier de risico's voor integriteit met de kandidaat. Van dat gesprek wordt een verslag gemaakt dat bij de geloofsbrieven wordt gevoegd. Dat verslag wordt ook ter kennis van het presidium gebracht. Het bestaan van die andere belangen kan betekenen dat een raadslid of fractievertegenwoordiger niet kan deelnemen aan de beraadslaging en – bij raadsleden - de besluitvorming. Bij twijfels over de vraag of deelname aan de beraadslaging en de besluitvorming integer is, kan het raadslid of de fractievertegenwoordiger advies inwinnen bij de griffier of de burgemeester. Als het raadslid of de fractievertegenwoordiger niet aan de beraadslaging of de besluitvorming deelneemt meldt hij/zij dat tijdig aan de voorzitter. Voor het presidium is de informatie van de andere functies nuttige informatie bij het signaleren van mogelijke integriteitsperikelen. De belangen van partners van raadsleden zouden overigens ook van invloed zijn op de behartiging van het opbaar belang. Er is geen wettelijke bepaling die openheid over functies van een partner gebiedt. Transparantie ook over die belangen kan voorkomen dat de schijn van niet integer handelen kan ontstaan. De burgemeester en de wethouders zijn evenzeer transparant over de functies die zij vervullen naast het zijn van wethouder of burgemeester. Nevenfuncties horen gemeld te worden aan de gemeenteraad. Gesprekken over de nevenfuncties voeren de burgemeester en de wethouders met zowel de gemeentesecretaris als de griffier. Het vierogen-principe is bedoeld als waarborg voor integere gesprekken.

Rechtspraak bij dit artikel