Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.1

Jeugdige

Onderdeel van Nadere regels Jeugdhulp 2022

1.. Jeugdhulp wordt verleend aan een persoon die de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt. Bij het bereiken van de 18-jarige leeftijd eindigt de individuele voorziening. 2.. De Jeugdwet is in beginsel van toepassing op personen tot 18 jaar. Als de jeugdige 18 jaar wordt, kunnen zich twee situaties voordoen: a.. Als de ondersteuning kan worden verleend op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 bepaalt de gemeentelijke toegang of dit noodzakelijk is. b.. Als het om een vorm van ondersteuning op grond van de Jeugdwet gaat die voor meerderjarigen niet op grond van een andere wet beschikbaar is, dan blijven de gemeenten verantwoordelijk voor het bieden van ondersteuning, uiterlijk tot de jeugdige 23 jaar wordt. 3.. Verlengde Jeugdhulp is onder meer mogelijk in de volgende situatie(s): a.. Er is na het 18e levensjaar aantoonbaar geen opvolgende financiering beschikbaar vanuit bijvoorbeeld de Wet langdurige Zorg, de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, de Zorgverzekeringswet of vanuit Justitie. b.. Er wordt daarnaast voldaan aan tenminste één van volgende criteria: I.. Ondersteuning op grond van de Jeugdwet is ingezet voor het 18e jaar en de gemeente of de wettelijke verwijzer is van mening dat verdere ondersteuning op grond van de Jeugdwet noodzakelijk is. II.. Voor het 18e jaar is ondersteuning op grond van de Jeugdwet ontvangen en beëindigd en binnen een half jaar na het 18e jaar komt betrokkene opnieuw in aanmerking voor ondersteuning op grond van de Jeugdwet. III.. Betrokkene heeft een strafbaar feit begaan tussen het 18e en 23e jaar waarvoor een maatregel (als bedoeld in artikel 77c van het wetboek van Strafrecht) is opgelegd. 4.. De volgende voorzieningen kunnen verleend worden aan jeugdigen die de leeftijd van 18 jaar hebben bereikt,: a.. In gedwongen kader: Het is de verantwoordelijkheid van de GI om voor de jongere een soepele overgang van 18- naar 18+ te realiseren. Ze nemen (ruim voor meerderjarigheid) contact op met ouders en de JGZ om afspraken te maken over eventueel noodzakelijke vervolghulp en eventueel noodzakelijke overdracht van de perspectiefregie aan de JGZ. b.. Pleegzorg tot 21 jaar: Een pleegzorgrelatie kan alleen eindigen voor het 21e jaar wanneer pleegkinderen dit zelf willen. c.. Verlengde pleegzorg tussen 21 en 23 jaar. Het is mogelijk dat pleegzorg ook nog na de 21e verjaardag nodig is. Het college kan pleegzorg 'verlengen' totdat de jeugdige 23 jaar is. Voorwaarde is dat de jeugdige al pleegzorg ontvangt en voortzetting noodzakelijk is. d.. Verblijf in gezinshuis is standaard tot 21 jaar tenzij; •. de jongere dat zelf niet wil; •. en/of de gezinshuisouder(s) niet instemmen; •. en/of voor alle partijen (inclusief de jongere) duidelijk is dat de jongere andere passende hulp nodig heeft, en die hulp ook beschikbaar is; •. en/of de jongere voldoet aan de criteria van de WLZ en/of beschermd wonen. e.. Jeugdreclassering tot 23 jaar. Jeugdreclassering is een combinatie van intensieve hulp aan en controle op een jongere. het belangrijkste doel van jeugdreclassering is te voorkomen dat de jongeren opnieuw strafbare feiten pleegt. Jeugdreclassering kan opgelegd worden door de kinderrechter, het openbaar ministerie, de directeur van een justitieel inrichting of de Raad voor de Kinderbescherming. f.. Indien de hulp die niet door de gezinshuisouders wordt geboden of hulp die niet in het gezin (in het huis of het terrein) van en door de gezinshuisouders plaatsvindt kan men niet spreken van een beschikking 'gezinshuis'.

Rechtspraak bij dit artikel