Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.1

Invordering in eerste aanleg

Onderdeel van Beleidsregels invordering privaatrechtelijke vorderingen gemeente Eersel

De invordering vangt aan met het aanmaken en verzenden van een nota. De dagtekening van de nota is de datum dat de nota is aangemaakt en geldt als de datum van verzending. De betaaltermijn voor een nota is –in afwijking van de in artikel 4.87 Algemene Wet Bestuursrecht genoemde termijn van 6 weken– altijd 14 dagen, tenzij anders is bepaald. Wanneer (achteraf) blijkt, dat de gegevens op de nota onjuist of onvolledig zijn, wordt de nota geheel of gedeeltelijk gecrediteerd. Bij de gehele creditering wordt een nieuwe nota aangemaakt met de juiste gegevens en met een nieuwe dagtekening. Ook kan een aanvullende nota worden aangemaakt met een nieuwe dagtekening. Nota’s ten name van een debiteur van wie bekend is dat hij/zij in staat van faillissement verkeert dan wel in geval de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen op hem/haar van toepassing is verklaard, worden, indien de openstaande schuld binnen het faillissement of de wettelijke schuldsaneringsregeling valt, dan wel een boedelschuld vormt, ter verificatie bij de curator respectievelijk de bewindvoerder aangemeld. Nota’s ten name van een debiteur van wie bekend is dat hij/zij is overleden, worden toegezonden aan de executeur, de bewindvoerder over de nalatenschap of de erfgenamen. De ambtenaar belast met de invordering zal in alle gevallen nastreven, binnen de grenzen van redelijkheid en billijkheid, deze omzetting op zo’n kort mogelijke termijn af te wikkelen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel