Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 5.4.

Toelichting procedure gebiedsontzegging.

Onderdeel van Beleidsregel Gebiedsontzeggingen gemeente Gooise Meren 2022

1.. De gedragingen waarvoor een gebiedsontzegging kan worden opgelegd zijn opgenomen in paragraaf 5.2. De duur van de ontzegging is opgenomen onder paragraaf 5.3. 2.. Bij overtredingen moet, zoals aangegeven, direct worden opgetreden. Voordat deze gebiedsontzegging wordt opgelegd door de politie vindt er collegiale afstemming plaats bij de politie. Ook moet vooraf gecontroleerd worden of desbetreffende persoon niet al eerder een gebiedsontzegging heeft gekregen. Het is mogelijk dat dan een langere ontzegging opgelegd kan worden of dat de ontzegging door de burgemeester opgelegd moet worden (zie punt 9). De gebiedsontzegging kan worden uitgereikt nadat een persoon, na een aanhouding, weer vrijkomt. Het is ook mogelijk dat de gebiedsontzegging direct ter plaatse wordt opgelegd door gemandateerd politiepersoneel. Een afschrift van de gebiedsontzegging wordt gezonden aan het team Openbare Orde en Veiligheid. 3.. De Boa’s voeren de taken uit op het gebied van de APV. Deze taken zijn mede gericht op de aanpak van veel voorkomende ergernissen. De uitvoering van deze taken hebben, vanwege de inzet van Boa’s op deze onderwerpen, minder prioriteit bij de politie. Om die reden kunnen de Boa’s ook bijdragen aan de uitvoering van de gebiedsontzegging door een proces verbaal van bevindingen op te stellen met betrekking tot de gedragingen van notoire overlastveroorzakers. Een dergelijk proces verbaal wordt besproken in het in punt 2 genoemde operationele overleg, waarna gemandateerden kunnen overgaan tot het opleggen van een waarschuwing dan wel het opleggen van een gebiedsontzegging. 4.. Het verstrekken van een gebiedsontzegging voor een periode van 48 en 72 uur is gemandateerd aan ambtenaren van politie, bedoeld in artikel 2, onder a, van de Politiewet 2012, en de ambtenaren van politie, bedoeld in artikel 2, onder c en d, van die wet, voor zover zij zijn aangesteld voor de uitvoering van deze politietaak. 5.. Bij het opleggen van de gebiedsontzegging wordt deze uitgereikt door de politie, dan wel door de Boa’s. Dit document is een besluit in de zin van de Awb en moet voldoen aan de eisen die staan aangegeven in paragraaf 4.4. Als er een waarschuwing wordt uitgevaardigd moet er volgens de heersende jurisprudentie een bezwaarclausule aan worden toegevoegd. 6.. Als aan een betrokkene een gebiedsontzegging wordt uitgereikt, wordt deze door degene die deze gebiedsontzegging uitreikt direct in de gelegenheid gesteld een zienswijze kenbaar te maken. Als daarvan gebruik wordt gemaakt, wordt deze zienswijze door de politiefunctionaris vastgelegd. Bij overtreding van deze gebiedsontzegging wordt een proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 2:78 van de APV 2020. 7.. Als een persoon zich binnen 12 maanden na het opleggen van de vorige gebiedsontzegging opnieuw schuldig maakt aan een gedraging zoals is opgenomen in paragraaf 5.2., wordt een volgende gebiedsontzegging opgelegd zoals opgenomen in het overzicht van paragraaf 5.3. Bij een overtreding van de gebiedsontzegging wordt een proces-verbaal opgesteld op grond van artikel 2:78 van de APV. 8.. Indien in het desbetreffende gebied cameratoezicht aanwezig zou zijn kunnen ongewenste gedragingen ook door middel van cameratoezicht geconstateerd worden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel