Het is verboden zonder of in afwijking van een door het college verleende vergunning een inrichting in gebruik te hebben of te houden, voor zover daarin:
meer dan 50 personen tegelijk aanwezig zullen zijn of,
aan meer dan 10 personen bedrijfsmatig of in het kader van verzorging nachtverblijf zal worden verschaft, of,
aan meer dan 10 personen jonger dan 12 jaar, of aan meer dan 10 lichamelijk of geestelijk gehandicapte personen dagverblijf zal worden verschaft.
Het college kan aan de vergunning als bedoeld in lid 1 voorwaarden verbinden met inachtneming van het gestelde in de artikelen 4 en 5 van deze verordening.
Het college kan aan de vergunning als bedoeld in lid 1 nieuwe voorwaarden verbinden en gestelde voorwaarden wijzigen of intrekken, indien het belang waarvoor deze vergunning is verleend dit vereist op grond van een verandering van inzichten of verandering van omstandigheden gelegen buiten de inrichting, opgetreden na het verlenen van de vergunning.
Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing.