Naar hoofdinhoud
De hoogte van de boete is afhankelijk van de mate van verwijtbaarheid en wordt als volgt vastgesteld. Er wordt een boete van: 100% van het benadelingsbedrag opgelegd indien er sprake is van opzet; 75% van het benadelingsbedrag opgelegd indien er sprake is van grove schuld; 50% van het benadelingsbedrag opgelegd bij normale verwijtbaarheid; 25% van het benadelingsbedrag opgelegd indien er sprake is van verminderde verwijtbaarheid. Indien belanghebbende herhaald de inlichtingenplicht niet of niet behoorlijk nakomt is er sprake van recidive. De boete wordt dan vastgesteld door het van toepassing zijnde percentage genoemd in lid 1, sub a tot en met d, te berekenen over 150% van het benadelingsbedrag. In de volgende situaties kan een waarschuwing worden gegeven in plaats van een boete: er is geen sprake van een benadelingsbedrag, tenzij er sprake is van lid 4; het benadelingsbedrag is niet hoger dan € 150,00 én de overtreding van de inlichtingenplicht komt niet voort uit opzet of grove schuld; belanghebbende heeft onjuiste of onvolledige inlichtingen verstrekt, maar verstrekt binnen 60 dagen alsnog uit eigen beweging de juiste inlichtingen voordat de gemeente de overtreding heeft geconstateerd. Er wordt geen waarschuwing gegeven indien het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichtingen plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum waarop eerder aan de belanghebbende een zodanige waarschuwing is gegeven. Indien er geen sprake is van een benadelingsbedrag, zoals in lid 3 sub a, en de boetewaardige gedraging zich binnen 24 maanden na een eerdere waarschuwing of boete voordoet, wordt een boete opgelegd van: € 75,00 wanneer er sprake is van normale of verminderde verwijtbaarheid; € 150,00 wanneer er sprake is van opzet of grove schuld.

Rechtspraak bij dit artikel