Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Afdeling 11.

Artikel 2:58

Verontreiniging door honden

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Ede

1.. De eigenaar of houder van een hond, is verplicht ervoor te zorgen dat die hond zich niet ontdoet van uitwerpselen op een openbare plaats binnen de bebouwde kom. 2.. Deze zorgplicht geldt niet voor visueel gehandicapten, die geleid worden door een geleidehond of voor de houder van een hond die is opgeleid door de Stichting Sociale Honden voor Gehandicapten Nederland of door de Stichting Servicehonden voor Auditief of Motorisch Gehandicapten en aan de houder ter beschikking is gesteld in verband met een motorisch gebrek. 3.. De strafbaarheid voor het niet nakomen van deze zorgplicht wordt opgeheven als de eigenaar of de houder van de hond er zorg voor draagt dat de uitwerpselen onmiddellijk worden verwijderd. 4.. De eigenaar of houder van een hond is verplicht, als hij zich op een openbare plaats binnen de bebouwde kom bevindt, een doeltreffend hulpmiddel bij zich te hebben dat geschikt is voor het verwijderen van de uitwerpselen. Het college stelt vast welke hulpmiddelen doeltreffend zijn. 5.. De eigenaar of houder van een hond is verplicht, als hij zich met die hond op een openbare plaats binnen de bebouwde kom bevindt, dit hulpmiddel op eerste vordering van een toezichthoudend ambtenaar te tonen. 6.. De in het eerste en derde lid bedoelde zorgplichten gelden niet op de door het college aangewezen plaatsen waar honden onaangelijnd mogen lopen en op de zogenaamde hondentoiletten.

Rechtspraak bij dit artikel