Naar hoofdinhoud
1.. Aanspraak op de eenmalige energietoeslag 2022 kan bestaan voor de alleenstaande, de alleenstaande ouder of het gezin als bedoeld in artikel 4 van de wet die beschikt over een laag inkomen. 2.. Van een laag inkomen als bedoeld in het voorgaande lid is sprake als gedurende de referteperiode het daadwerkelijk beschikbare en in aanmerking te nemen inkomen, voor de eenmalige energietoeslag 2022 van €500, niet hoger is dan 120-130% van de toepasselijke bijstandsnorm, en het inkomen voor deze toeslag van €800, niet hoger is dan 120% van de toepasselijke bijstandsnorm. 3.. Voor de toepassing van deze regeling wordt het eventueel aanwezige vermogen buiten beschouwing gelaten. 4.. Onder de doelgroep als bedoeld in het eerste lid valt niet degene die op de peildatum: in een inrichting verblijft als bedoeld in artikel 1 aanhef en onderdeel f van de wet; of jonger is dan 21 jaar; of studerend is en in verband daarmee aanspraak maakt op studiefinanciering op grond van de Wet studiefinanciering 2000; of is ingeschreven in de basisregistratie personen als ingezetene met enkel een briefadres; of een kostendelende medebewoner van de hoofdbewoner(s) is als bedoeld in artikel 19a van de wet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel