In deze subsidieregeling wordt verstaan onder:
a. Verward en onbegrepen gedrag: kwetsbare volwassenen die hun (werkelijke) hulpvraag niet kunnen, willen, durven of mogen stellen en een (mogelijk) risico vormen voor zichzelf en/of omgeving;
b. Basisvaardigheden: lezen, spreken, schrijven, luisteren, rekenen en/of digitale vaardigheden;
c. Beweging 0-1-2: het versterken van de sociale basis (nulde lijn) om waar mogelijk te voorkomen dat eerste of tweedelijns ondersteuning nodig is;
d. Eerste lijn: alle professionele ambulante ondersteuning in het gemeentelijk sociaal domein met uitzondering van specialistische ambulante ondersteuning;
e. Onafhankelijke cliëntondersteuning: onafhankelijke ondersteuning met informatie, advies en algemene ondersteuning die bijdraagt aan het versterken van de zelfredzaamheid en participatie en het verkrijgen van een zo integraal mogelijke dienstverlening op het gebied van maatschappelijke ondersteuning, preventieve zorg, zorg, jeugdhulp, onderwijs, welzijn, wonen, werk en inkomen.
f. Positieve gezondheid: een benadering binnen de gezondheidszorg die niet de ziekte, maar een betekenisvol leven van mensen centraal stelt. De nadruk ligt op de veerkracht, eigen regie en het aanpassingsvermogen van de mens en niet op de beperkingen of ziekte zelf;
g. Samenkracht: initiatieven waarbij inwoners gebruik maken van elkaars kwaliteiten;
h. Sociale basis (nulde lijn): Het geheel van informele sociale verbanden (buurten, groepen, verenigingen, netwerken, gezinnen) aangevuld en ondersteund vanuit de lokale overheid, organisaties, diensten en voorzieningen, die het mogelijk maakt dat inwoners de mogelijkheden hebben om te participeren in sociale relaties op een manier die hun welzijn, capaciteiten en individueel potentieel verbetert;
i. Tweede lijn: alle professionele specialistische ondersteuning, langdurig intensieve ondersteuning, verblijf en opvang;
j. Zelfredzaamheid: de mate waarop iemand zelfstandig zijn leven kan leiden (op alle levensterreinen) met zo min mogelijk professionele ondersteuning en zorg; op basis van persoonlijke hulpbronnen;
k. Samenredzaamheid: de mate waarin individuen hun sociale netwerk (sociale hulpbronnen) daarbij willen/kunnen inzetten;
l. Vrijwillige inzet: onverplicht inspanningen waar geen geldelijke vergoeding tegenover staat, uitgezonderd een eventuele tegemoetkoming in de onkosten;
m. Eenzaamheid: het subjectief ervaren van een onplezierig of ontoelaatbaar gemis aan (kwaliteit van) bepaalde sociale relaties;
n. Multi helix samenwerking: de samenwerking tussen overheid, bedrijfsleven en de onderwijs- en kennisinstellingen;
o. Integrale kaders Outreachend Werk:
i. alle Outreachend Werkpartners vormen samen één netwerk waarin onderling wordt afgestemd welke partner het beste aansluiting vindt met de inwoner.
ii. alle Outreachend Werkpartners werken in/met koppels van verschillende organisaties.
iii. op moment dat er géén sprake is van directe urgentie of acute situatie is WIJeindhoven in ieder geval één van de partners waarmee wordt samengewerkt in een koppel.
iv. outreachend Werk is tijdelijk: het vliegt in, en vliegt ook weer uit.
v. de aanvrager werkt proactief, is present en is zichtbaar op straat.
vi. de aanvrager maakt gebruik van ervaringsdeskundigheid.
vii. de omgeving en het sociaal netwerk van de betreffende inwoner wordt nadrukkelijk betrokken in de aanpak;
p. Outreachend werk: het proactief benaderen en opsporen van kwetsbare volwassenen die hun (werkelijke) hulpvraag niet kunnen, willen, durven of mogen stellen en een (mogelijk) risico vormen voor zichzelf en/of omgeving. Outreachend Werk zorgt dat de juiste zorg en ondersteuning geleverd wordt op de juiste plek (d.m.v. het wijzen van de juiste weg) aan de inwoner en zijn/haar omgeving, in een zo vroeg mogelijk stadium, om de gezondheid en het welbevinden van inwoners te bevorderen, overlast te verminderen en (verdere) escalatie te voorkomen.
q. Gebiedscoördinator: gebiedscoördinator werkzaam bij de gemeente Eindhoven.