De gemeente toetst bij de melding grondverzet of de voorgenomen toepassing plaatsvindt binnen een grondwaterbeschermingsgebied. Voor de contouren van de grondwaterbeschermingsgebieden wordt aangesloten bij de contouren die door de provincie zijn aangegeven. Indien de toepassing plaatsvindt binnen een grondwaterbeschermingsgebied, toetst de gemeente het volgende:
De kwaliteit van de toe te passen grond of baggerspecie binnen de waterwingebiede en 25- en 100-jaarsbeschermingszones dient aantoonbaar te voldoen aan de kwaliteit AW2000;
Indien de kwaliteit van de ontvangende bodem binnen het 25- of 100- jaarsbeschermingszone reeds gelijk is aan of slechter is dan de klasse wonen, mag grond of baggerspecie op deze locatie worden toegepast indien:
De kwaliteit de maximale waarden voor de klasse wonen niet overschrijdt;
De partij afkomstig is uit hetzelfde beschermingsgebied als waarin wordt toegepast;
De toe te passen partij baggerspecie betreft baggerspecie welke is vrijgekomen bij regulier onderhoud van de watergang en wordt op het aangrenzende perceel verspreid, met het oog op het herstellen of verbeteren van het perceel;
Indien het een grootschalige toepassing betreft, dient de partij aan de volgende eisen te voldoen:
Door middel van onderzoek is aangetoond dat door de toepassing de risico's op verontreiniging van het grondwater voor de betreffende drinkwaterwinning niet toenemen;
De grond of baggerspecie is uit het beschermingsgebied afkomstig;
De kwaliteit van de grond of baggerspecie overschrijdt niet de maximale waarden van de kwaliteitsklasse wonen.
Indien aan de bovenstaande voorwaarden is voldaan, kan de gemeente Bergeijk medewerking verlenen aan de voorgenomen toepassing.
Hoofdstuk Deel 2: Beleidsregels bodem
Artikel 3.2