**1..** Een college van een deelnemende gemeenten kan uittreden door toezending van een daartoe strekkend besluit van het college aan het algemeen bestuur.
**2..** Indien een college besluit dat de Wsw-taken en/of de re-integratietaken van de Pw, de IOAW, de IOAZ en de Anw niet meer door IJmond Werkt! worden uitgevoerd, wordt dit als een verzoek tot uittreding gezien.
**3..** Gedurende drie jaren na de datum van toetreding tot de regeling is uittreding niet mogelijk.
**4..** Een deelnemende gemeente dient het voornemen tot uittreding uiterlijk twaalf maanden voor de datum van uittreding, schriftelijk gemotiveerd mede te delen aan het algemeen bestuur.
**5..** De uittreding vindt, behoudens door de colleges en raden geaccepteerde afwijking, plaats op 1 januari van het tweede jaar, volgend op dat waarin het besluit tot uittreding in werking is getreden.
**6..** Indien een college van een deelnemende gemeente uittreedt, besluiten de colleges van de overige gemeenten over de voortzetting van de gemeenschappelijke regeling en de wijze waarop. Het besluit wordt voor toestemming voorgelegd aan de raden. Artikel 33 is van overeenkomstige toepassing.
**7..** Het algemeen bestuur regelt de financiële en overige gevolgen van de uittreding. Daarbij geldt als uitgangspunt dat de uittredende gemeente de kosten draagt die het rechtstreekse gevolg zijn van de uittreding en dat de overige deelnemende gemeenten geen financieel nadeel van de uittreding ondervinden.
HOOFDSTUK 12
Artikel 35
Uittreding
Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling IJmond Werkt! 2022, derde wijziging