De volgende omschrijvingen van categorieën huishoudelijke afvalstoffen worden op grond van artikel 3, tweede lid, van de verordening vastgesteld:
groente-, fruit- en tuinafval (gft-afval):
dat deel van de huishoudelijke afvalstoffen dat van organische oorsprong is, beperkt is van omvang en apart wordt ingezameld. Bedoeld worden loof, schillen en resten van groenten en fruit en aardappelen, gekookte etenswaren, brood, eierschalen, doppen van pinda's en nootjes, snijbloemen, gras, stro, bladeren, klein snoeiafval, resten van tuinplanten, kort gemaakte takken en composteerbare zakken en composteerbare verpakkingsmaterialen. Ten aanzien van dit laatste onderdeel wordt opgemerkt dat de zakken en verpakkingsmaterialen voorzien dienen te zijn van een kiemplantlogo met een nummer dat aangeeft dat het product voldoet aan de Europese norm voor composteerbare verpakkingen (NEN-EN 13432);
klein chemisch afval:
huishoudelijke afvalstoffen zoals vermeld op de KCA-lijst van het ministerie van VROM;
glas:
op kleur gescheiden eenmalige glasverpakkingen zoals flessen, potten en andere glazen verpakkingen;
vlak glas:
glas dat gebruikt wordt in ramen, spiegels, deuren en kozijnen
oud papier en karton:
huishoudelijk oud papier en karton dat droog en schoon en niet vervuild is met andere afvalfracties, zoals bijvoorbeeld kranten, tijdschriften, boeken, reclamedrukwerk schrijfpapier, enveloppen, eierdozen, kartonnen dozen, kartonnen en papieren verpakkingen;
PMD (plastic verpakkingsafval, metalen verpakkingen en drankenkartons):
verpakkingen van plastic, metaal of drankenkartons zoals bedoeld in het kader van de Raamovereenkomst verpakkingen;
harde kunststoffen:
Kratten, kisten, emmers, speelgoed, tuinmeubelen, PVC-buizen en PVC-schroten, kledinghangers, gieters en plantenbakken;
textiel:
kleding, lakens, dekens, handdoeken en dergelijke, schoeisels, grote lappen stof en gordijnen die schoon zijn, niet vervuild met andere afvalfracties en niet eerder gebruikt als bijvoorbeeld poets- of verflappen;
elektrische en elektronische apparatuur:
de producten zoals genoemd in de Regeling beheer elektrische en elektronische apparatuur;
bouw-en sloopafval:
harde steenachtige materialen, zoals puin (schoon of vervuild), gasbeton, dakpannen, serviesgoed, sloophout (schoon of vervuild), dakleer en grind, pvc en isolatiematerialen;
A- en B-hout:
schoon, gelakt of geverfd hout;
C-hout:
hout dat is verduurzaamd danwel geïmpregneerd, te herkennen aan groene of bruine kleur, zoals bielzen of tuinhout;
grof tuinafval:
plantaardige of organische afvalstoffen door aard, samenstelling of omvang niet vallend onder
gft-afval en vrijkomend bij de aanleg, het onderhoud of verwijdering van particulier groen, zoals grof loofafval en snoeihout;
asbest en asbesthoudend materiaal:
afval waarin zich asbest bevindt;
grof huishoudelijk afval:
huishoudelijk afval dat door afmeting of gewicht niet in een inzamelmiddel of via een inzamelvoorziening ter inzameling kan worden aangeboden, zoals inboedel, ijzer, elektrische of elektronische apparatuur en snoeihout. Onder grof huishoudelijk afval wordt niet verstaan bedrijfsafval, (boom)stronken, puin (schoon of vervuild), dakleer en grind, asbesthoudende stoffen, grond, zand en autobanden;
huisvuil restafval:
afval afkomstig uit particuliere huishoudens, dat overblijft na scheiding in andere deelstromen genoemd in artikel 3 van de verordening.
metalen:
producten met als belangrijkste bestanddeel ferro en non-ferro;
autobanden:
rubberen binnen- en/of buitenbanden afkomstig van particuliere autovoertuigen, ontdaan van de velg;
grond:
grond die niet zichtbaar vermengd is met resten puin, kool, gas, hout, ijzer of asbest, en niet verontreinigd is op basis van het historisch gebruik van de locatie van herkomst of op basis van uitgevoerd milieukundig onderzoek (conform NEN 5740 of AP04). Onder deze categorie worden ook graszoden (afkomstig uit particuliere tuinen) ingenomen;
gips:
gipskartonplaten;
dakleer en grind:
dakbedekkingmaterialen, ook wel genoemd dakleer, bestaand uit beplatingmateriaal van hout of kunststof, voorzien van een laag koolteer of bitumen. Dit is inclusief dakgrind, waaraan zich teer of bitumen bevindt;
frituurvet en - olie:
olieën en vetten die gebruikt zijn om te frituren;
schoon puin:
steenachtig materiaal zoals bakstenen, tegels, plavuizen, beton- en betonresten wat geen gips, grind, zand/grond (10%), gevaarlijk afval, asbest, eterniet en ander afval bevat;
kringloopgoederen:
goederen afkomstig van huishoudens, als gedefinieerd in artikelen 2.20, 2.21 en 2.22 van de NEN-norm 5880.
Artikel 3.
Afzonderlijke inzameling
Onderdeel van Uitvoeringsbesluit op grond van de Afvalstoffenverordening Soest 2021