**1..** De zittingsperiode van een lid eindigt in ieder geval op de dag waarop de benoeming van wethouders op grond van artikel 37 van de Gemeentewet overeenkomstig het bepaalde in artikel 38 van de Gemeentewet ingaat.
**2..** Een lid houdt op lid te zijn van een bestuurscommissie indien hij niet meer voldoet aan de op grond van artikel 4, tweede lid gestelde eisen.
**3..** Het college kan een lid ontslaan
**4..** Het college kan de voorzitter of zijn plaatsvervanger uit diens hoedanigheid ontslaan.
**5..** Een lid kan te allen tijde ontslag nemen. Hij doet daarvan schriftelijk mededeling aan het college. Het ontslag gaat een maand na de schriftelijke mededeling in of zoveel eerder als zijn opvolger is benoemd.
**6..** Indien door overlijden of ontslag een vacature ontstaat, beslist het college zo spoedig mogelijk over de vervulling daarvan met inachtneming van artikel 4.
**7..** Een lid is na afloop van de zittingsperiode terstond herbenoembaar, doch voor maximaal twee opeenvolgende volledige zittingsperiodes.