In deze afdeling wordt verstaan onder:
**a..** Wet: de Wet op de kansspelen;
**b..** kansspelautomaat: automaat als bedoeld in artikel 30, onder c van de Wet;
**c..** speelautomatenhal: een inrichting, bestemd om het publiek gelegenheid te geven een spel door middel van speelautomaten te beoefenen, als bedoeld in artikel 30c, eerste lid, onder b, van de Wet;
**d..** exploitant: de natuurlijke of rechtspersoon die de speelautomatenhal exploiteert;
**e..** beheerder: degene die met het dagelijks toezicht en de onmiddellijke leiding in de speelautomatenhal is belast;
**f..** kansspelautomaat: een speelautomaat als bedoeld in artikel 30, onder c, van de Wet;
**g..** hoogdrempelige inrichtingen: inrichting als bedoeld in artikel 30, onder d, van de Wet;
**h..** laagdrempelige inrichtingen: inrichting als bedoeld in artikel 30, onder e, van de Wet.
Hoofdstuk › Paragraaf
Artikel 2:38a
Definities
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Nijmegen